Gesjeesde bouwvakker

img021

De aanblik van de bouw
van de naoorlogse
flatwijken
deed mijn broer besluiten
bouwvakker te worden
later
als hij groot was

Dit ideaal heeft hij
niet bereikt
Maar als scheikundige
bij de ruimtevaart
in Palo Alto
heeft hij het toch nog
aardig ver geschopt

Advertenties

Oud roest….

DSC07860-001

Al jaren fiets ik erlangs. En al even lang word ik erdoor gefascineerd. Dat roestige gevaarte. Altijd doet het me denken aan een amfora. Nooit heb ik de moeite genomen om er een foto van te maken. En waarom zou ik ook? De computer slibt toch al aardig dicht met foto’s waar ik verder niets mee doe. Maar sinds ik ben gaan bloggen is het anders. Het toestel gaat steeds vaker mee; overal kan tenslotte een verhaal in zitten.

Toen ik ze in Griekenland zag, was mijn eerste gedachte: dat hebben wij ook! En vandaag maakte ik er een foto van.

DSC07662-001

Hoeveel waarheid zit er in het gedicht van Kees Schippers:

Bij Loosdrecht

Als dit Ierland was,
Zou ik beter kijken.

Sterven in juni

Waarom zou je sterven in juni? Na de voorzichtige start in mei is de natuur nu echt op dreef. De zon heeft zijn grootste kracht; de dagen zijn zo lang als het maar kan. Een zoele wind voert de zoete geuren van de zomer mee. Het leven is vol beloften.

Maar er sterven mensen in juni. Mijn vader stierf in juni. Met een gelukzalige, tevreden glimlach op het bleke gelaat. Klaar met het leven, dat er niet makkelijker op werd. Goed geleefd; zo goed mogelijk. Naar eer en geweten. Alle talenten benut. Een huwelijk met ups en downs, maar liefdevol. Drie kinderen met toewijding groot gebracht. Vijf kleinkinderen liefde en aandacht gegeven. Drie achterkleinkinderen vertederd op schoot genomen.

Een leven met mensen. Met God. Met boeken. Filosofisch, sociaal, intelligent, betrokken. Verwondering. Bewondering voor alles wat leeft. De natuur als leidraad. Het boerenleven als ideaal. Maar alles met een knipoog; humor is een groot goed.

Mijn vader stierf in juni. De maand van volop leven. De maand van groei en bloei. De oogst al zichtbaar.
In de moestuin laat ik mijn gedachten de vrije loop. De schrepel die hij in zijn tuin gebruikte in de hand, het onkruid te lijf. Ik leg bonen, aard de aardappels aan. Zaai wortels naast uien. De vragen die ik hem nog had willen stellen worden woordeloos uitgesproken. Doe ik het zo goed? Antwoord komt altijd. Het stemt me dankbaar.

Het is niet makkelijk
Te sterven in juni
Terwijl
Het leven uit zijn voegen barst
Maar je weet
Dat het klaar is
Je schikt je in het
Onvermijdelijke
Je geeft je over
Je laat je gaan

En wij verstild
Nu definitief
Op eigen benen
Goed toegerust
Maar toch
De eerste stappen
Onwennig en onvast

Not April is the cruelest month
But June

En vader, weet je nog
Van toen
Die dag dat je mij
Mijn ware naam onthulde
Op een stukje papier
Gescheurd van de krant
In jouw vertrouwde
Verzorgde handschrift
Een document

Nooit zo genoemd
En toch
Een beetje opnieuw geboren

DSC07855

In memoriam Johannes
10 juli 192121 juni 2010

Dodoni

DSC07231

Ruis heilige eik
En overstem
Mijn duistere gedachten
Hoe zal ik?
En wanneer?
Waar vind ik troost?
Waar recht?

O, was mijn hart
Zo blank en rein
Als de sneeuw op verre bergen
Ach was uw raad zo zoet
Als nectar voor de bij

Bevrijd zal straks mijn ziel
In dubbele octaven
Verhalen in een lied
Dat eeuwig klinken zal
Van ’t heil mij toegedacht
Door goden hoog verheven

Het offer is gebracht
Mijn strijd gestreden

Herinnering aan een middag aan zee

DSC05800

Denkend aan Holland
Zie ik stranden en duinen
Zon door de wolken
En schuimende zee
Rijen ontelbare dagjesmensen
Bepakt en bezakt
Zonnebrand mee
En in de verte
De windmolenparken
De vergane glorie
Van strandtent en pier
Helmgras en schelpen
Krabben en zeester
Kwallen en mossels
Drijfhout en wier
Grijs wordt de lucht
De zon achter wolken
Iedereen schrikt
Men snelt ervandoor
En mist in de haast
De storm te ontvluchten
Hoe prachtig de zee is
Bij negen Beaufort

(Vrij naar H. Marsman)

Met ‘de oude vriendin’ in Scheveningen.

Lees ook:
Een oude vriendin, http://wp.me/p36K0e-N
Op reis met Bram, http://wp.me/p36K0e-2Q

Toevallige poezen

img017

Van de week werd op de BBC een programma uitgezonden waarin onderzoek werd gedaan naar het geheime leven van de kat. In een plaatsje in Surrey werd mensen gevraagd hieraan mee te doen. Er was plaats voor vijftig katten. Het liep storm. De deelnemende poezen kregen een halsbandje om met een gps-systeem. Op computerschermen was duidelijk te zien waar de katten uithingen en welke route ze volgden. Opmerkelijk was dat de meeste katten dicht bij huis bleven; slechts twee durfden het aan om een tripje van zo’n tweehonderd meter te maken. Omdat men ook wilde weten wat de beestjes, vooral ’s nachts, uitspookten, kregen sommige een cameraatje om de nek. De kijker had nu vooral zicht op de onderkant van het kinnetje en enorme snorharen aan weerskanten daarvan. Een prachtig gezicht! Er werd wat gejaagd, in bomen geklommen, onder auto’s gezeten. Maar ook waren we er getuige van dat een paar desperado’s andermans (anderpoes’) etensbakjes wisten te vinden; als je eenmaal weet hoe een kattenluikje werkt, is dat immers een fluitje van een cent. En daarvoor wilden ze best een flink eind afleggen (naar poezenmaatstaven).
Vooral leuk was om te zien hoe verrast de baasjes waren over de activiteiten en de actieradius van hun dier(en) en hoe vertederd en liefdevol ze over hen spraken.

Het was een heerlijk programma. Feit is wel, dat wij hier thuis nogal afgeleid werden van het volgen van tekst en uitleg, door de vertedering die de beelden opriep: leuke koppen, woeste blikken, lieve kussentjes, grappige neusjes, brede wangen, domme acties, eerder genoemde kinnen en snorharen, enzovoort.

In elk geval blijkt maar weer dat katten hun eigen leven leiden, hun eigen weg volgen, hun eigen beslissingen nemen; kortom, dat ze precies doen waar ze zin in hebben. Je kunt geen kattenbezitter zijn, maar wel kattenliefhebber.

Er was een periode dat er op krantenfoto’s veel “toevallige poezen” voorkwamen. Dat ze fotogeniek zijn, weten ze ook al lang.

img020

img018

http://www.bbc.co.uk/news/science-environment-22821639

Persefone

Mijn bondgenoot
Schijn met uw licht
Tot in de verste uithoek
Zelfs daar voorbij
En zoek
Met mij
Mijn kind
Mijn dochter
Glanzende haren
Tedere glimlach
Goed van vertrouwen
Licht van geloof

Niets breng ik tot stand
Niets breng ik tot bloei
Mijn handen verlamd
Mijn hoofd vermoeid

DSC07117-001

O, moeder
Het lot en de liefde
Ik ging
Tot de verste uithoek
Te goed van vertrouwen
In blind geloof

Waar de duisternis heerst
Waar het licht niet schijnt
Mijn handen geketend
Mijn hoofd verward

Maar ik verschijn met de zon
Op een milde bries
In de dauw van de morgen
Tot de oogst
Zwaar en rijk
Ons de liefde leert
En ten afscheid kust

Mijn geliefde
Ik kom in donkere nacht
Stormwind in de rug
Door de droge bedding
Met lege handen

De gewraakte vrucht
Het dorre land
De eeuwige pijn
Van het scheiden

DSC07569

Icarus

Kom jongen
Wees niet bang
Deze vleugels maakte ik
Voor jou
Licht als een veer
En zo sterk als mijn liefde
Voor jou
Stijg op en volg mij
Mijn zoon

Blijf ver van het water
Blijf ver van het vuur
Doorklief de lucht
En land veilig op aarde

Ach vader
Wees niet boos
Deze vleugels die je maakte
Met jouw liefde
Voor mij
Zij brengen mij
Hoog boven het water
Ik brand van verlangen
Duizelingwekkend vergeten
Eén ademtocht slechts
De aarde tegemoet

DSC07665

Een goed rapport?

Gisteren op de voorpagina van Trouw een artikel met de opmerkelijke kop: Zorgleerlingen deren klas niet. Met als onderkop: ‘Gewone’ scholieren scoren net zo goed als anders, ongeacht aantal klasgenoten met problemen. De NWO (Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek) presenteert deze week het onderzoeksrapport: Prestaties en loopbanen van zorgleerlingen.
Uit deze titel blijkt al waar het om gaat: de zorgleerling. Wie kan nu nog hard maken dat er onderzoek is gedaan naar de andere 75 % uit de groep, namelijk de ‘gewone’ scholier? Ja, er is gebruik gemaakt van databestanden, waarin de ontwikkeling van de scholieren is vastgelegd; bij onderwijsmensen beter bekend als het Leerling Volg Systeem (LVS). Maar is er verder ook nog naar kinderen gekeken?
De studie is bedoeld als nulmeting, zodat de komende jaren gevolgd kan worden wat het effect is van de invoering van de wet op het Passend Onderwijs. Dit houdt in dat leerlingen met een ‘rugzakje’, op de gewone basisschool blijven en niet naar zo’n dure school voor speciaal onderwijs worden doorverwezen. Dat kan betekenen dat er dan in een groep sprake is van een fifty-fifty verhouding aan zorg- en gewone leerlingen. Alles in het kader van de onvolprezen bezuinigingen op het onderwijs.
Waarschijnlijk is dit onderzoek gedaan door mensen die sinds hun eigen basisschoolperiode geen voet meer in een school hebben gezet. Men heeft kennelijk ook niet met leerkrachten gesproken, maar zich alleen met de droge cijfertjes bezig gehouden, getuige de opmerking: “Het lijkt erop dat leerkrachten in staat zijn beide groepen kinderen in één klas goed te begeleiden.”
Iedereen die werkzaam is in het onderwijs weet dat de leerlingpopulatie drastisch veranderd is de afgelopen tien, vijftien jaar. Naast de ‘gewone’ leerling (maar wat is gewoon?) zijn er veel meer kinderen met een ‘krasje’. Leerkrachten zijn inderdaad over het algemeen in staat een groep kinderen op de juiste manier te begeleiden. Maar hoeveel energie en vindingrijkheid dat kost, daar kan een buitenstaander zich nauwelijks een voorstelling van maken.
Ook de ‘gewone’ leerling moet vaak alle zeilen bijzetten om goed te blijven presteren; de zorgleerling brengt vaak – onbedoeld en ongewild -onrust in de groep.

Het is heel fijn dat er weer een (duur) rapport klaarligt, zodat de regering haar snode plannen kan doordrukken. Toch had het allemaal simpeler gekund: gewoon luisteren naar de leerkrachten. Zij beschikken over de kracht (!) om kinderen goed te begeleiden. Maar net zo goed als voor de kinderen een optimale leeromgeving moet worden geschapen, zal er voor de leerkracht de mogelijkheid moeten worden gecreëerd om zich optimaal in te kunnen zetten ter meerdere eer en glorie van goed onderwijs. De speciale school was zo gek nog niet.

DSC07839

De oude Griek

DSC07002

Mijn geloof in de toekomst
Was de olijfboom
De rotsachtige bodem
Ten spijt
Gebeukt door de wind
Gebogen
Niet gebroken
Elk voorjaar de knoppen
Elk najaar de oogst

En ik
Gebogen
Niet gebroken
Zag generaties komen en gaan
Gewerkt als een ezel
Wel vaker dan een keer
Gestoten aan
De molensteen
Van mijn bestaan

Mijn laatste oogst is binnen
Mijn tijd is om
Het werk gedaan