Bridget, Banksy en een bizarre film.

20160726_111941

Deze week onderging ik drie totaal verschillende kunstuitingen, die op een of andere manier iets met elkaar te maken hebben. Wat zijn de overeenkomsten? In de eerste plaats dat deze drie activiteiten (bezoek aan Gemeentemuseum in Den Haag, Beurs van Berlage, Amsterdam en Filmhuis, Zaandam) in dezelfde week plaatsvonden. Maar dat kun je uiteraard ook gewoon toeval noemen.

Dan misschien dat het modewoordje ‘bizar’ van toepassing is op alle drie? Evenals het feit dat de drie kunstenaars doelbewust de toeschouwers op het verkeerde been weten te zetten?
Of gewoon het feit dat ik ze per se, coûte que coûte met elkaar in verband wil brengen? Omdat alle drie de kunstenaars een bijzondere kijk op kunst hebben? Of vanwege het feit dat ik de twee tentoonstellingen en de film mede door de ogen van een ander bekeek? En alles daardoor gedeeld en dus anders beleefde?

20160727_114247

Ach, laten we het maar houden op de illusie, waar het hele leven tenslotte op is gebaseerd. Dus zeker ook de kunst, die daar weer een afspiegeling van is. Een schilderij is niet meer dan verf op doek, zegt kunsthistorica Saskia Goddijn. Wat er verder gebeurt doen we zelf. Het is onze invulling- wat we erin zien, wat we voelen, hoe we erover denken. Sommige mensen worden heel onrustig, wanneer de kunstenaar zijn werk labelt: zonder titel. Kunst moet zijn (volgens Kloos): de allerindividueelste expressie van de allerindividueelste emotie. In het verlengde daarvan, vanuit de toeschouwer gezien zal kunst dan moeten zijn: de allerindividueelste ervaring van de allerindividueelste emotie. Vertalen is verraden, zegt men in de Joodse cultuur. Geldt dit ook voor het ‘vertalen’ van kunstuitingen? Is interpreteren dodelijk voor de kunst? Kan daaruit volgen dat alle verklarende kunstboeken waardeloos zijn? Gevaarlijk terrein! Ik wil daar geen oordeel over vellen.

Genoeg gefilosofeerd. Over naar de kunst. Bridget Riley, Banksy en Anders Thomas Jensen.

Bij Bridget Riley is de illusie de beweging in haar werk. Vanuit iedere hoek is het weer anders, bewegen de lijnen, waarvan je weet dat ze vastliggen op papier of doek.

Bridget

Bij Banksy is het de illusie van de kunstenaar zelf; hij bestaat, dat blijkt. Maar wie is hij? De illusie die hij schept is vaak de combinatie van beeld en tekst. We worden volkomen op het verkeerde been gezet.

Banksy1

Ook bij Anders Jensen gaat het om de illusie. Wat is film anders? Maar hij verstaat de kunst om in die illusie een tweede te scheppen en daarin een derde. Een soort matroesjka.

Doordacht, doorwrocht en bereken(en)d, geldt voor Bridget Riley. Ontwerpen op ruitjespapier en deze uitgewerkt op grote doeken. Haar vroegste werk stamt uit de jaren zestig. Maar het zal een levenswerk blijken. De titel van de tentoonstelling is dan ook: Bridget Riley, The Curve Paintings. 1961 – 2014. Op-art. Die stroming vonden we verrassend in de zestiger jaren. Maar nu nog steeds is het verrassend en verfrissend! Werk waar je vrolijk van wordt. Maar ook stil. Het is leuk dit met “de oude vriendin” te zien. Zij is nu bijna negentig, slechts een paar jaar ouder dan de kunstenares. En enthousiast dat ze is! Af en toe hoor ik haar roepen: dit is enig! Met haar smartphone fotografeert ze de bijzondere werken. Ik vraag me opeens af of ik dat over twintig jaar nog net zo zal doen.

Doordacht, doorwrocht en maatschappijkritisch past bij het werk van Banksy. De onbekende bekende. Zijn kunst wordt gepresenteerd in het voormalige kapitalistische ‘bolwerk’, de Beurs van Berlage; dat moet voor hem toch even slikken zijn. Zit hij al te broeden op een antwoord? Op een van de muren aan het Damrak op dit monumentale gebouw? Ik kijk nu ook door de ogen van mijn jongste dochter. Het geeft er een speciale dimensie aan. Ook al omdat we dit soort uitjes niet meer zo vaak hebben. En ik zie dat zij weer kijkt met haar prachtige kinderen in gedachten.

20160727_114802

Regisseur Anders Thomas Jensen, kunstenaar op een totaal andere manier, met een totaal ander medium. Men and Chicken is een werkelijk absurde film. Het woordje ‘bizar’ is hier zeker op zijn plaats. Het verhaal is grandioos, en gaat uit van een gegeven waar iedereen waarschijnlijk wel eens zijn gedachten over heeft laten gaan: genetische manipulatie. Terwijl je na de eerste beelden vermoedt dat het er zeer ruig aan toe zal gaan, blijkt er toch ook begrip, goedwillendheid en een zekere warmte te zijn tussen de vijf merkwaardige broers, over wie de film in feite gaat. De plot is groots. Je voelt bijna letterlijk de puzzelstukjes op hun plaats vallen. Meer zal ik er niet over melden, om het verhaal niet weg te geven. “Ga deze film zien!”, is het enige dat ik er nog over wil zeggen. En ook, dat ik deze film zag met (de voor sommigen inmiddels bekende) Ina in gedachten. Ze kan er niet meer bij zijn, maar zij raadde tien jaar geleden de film ‘Adam’s Apples’ aan, van dezelfde regisseur. Menig keer hoorde ik haar schallende lach. Het toeval bracht een gezamenlijke vriendin (die ook ooit was getipt) naar het filmtheater, zodat we na afloop nog even konden proosten op Ien.

men and chicken

Als laatste verbindende factor tussen deze drie kunstenaars zou ik willen noemen: de Humor. De kurk waar het hele leven op drijft!

Tenslotte. Dit was een vermoeiend en tegelijkertijd energiegevend weekje. Zozeer zelfs, dat ik vandaag ook zelf maar eens de kwast ter hand heb genomen. Het plafond van de badkamer ziet er weer piekfijn uit. En nee, geen optische of andere illusies. Gewoon wit.

——————————————————————————————————————-

De afbeelding van de film Men and Chicken komt van het internet.

Advertenties

Communes en zo

Kollektivet

Eindelijk gingen we weer eens naar filmhuis De Fabriek. Daar hadden we echt naar uitgekeken: thee op het zonnige terras aan de Zaan en dan een heerlijke film. Kollektivet draaide en dat leek ons de moeite waard. Onze verwachtingen werden niet beschaamd. Sowieso staat de regisseur garant voor goede films. Wie Festen heeft gezien, weet genoeg. En Thomas Vinterberg heeft ook nu weer een bijzonder fraaie film afgeleverd.

Kollektivet gaat over een vers opgestarte commune en alle perikelen die dat met zich mee brengt. Het door Erik geërfde huis is te groot voor het kleine gezin en het lijkt Anna een goed idee om het met meerdere personen te gaan bewonen. Het kost enige moeite haar man over te halen, maar uiteindelijk is ook hij voor het idee te porren. Kandidaten melden zich aan voor een sollicitatiegesprek en geleidelijk aan krijgt de commune gestalte. Puberdochter Freja beschouwt het hele gedoe van een afstandje en gaat lekker haar eigen gang.

Het lijkt zo eenvoudig, gezellig, avontuurlijk, efficiënt en economisch, met elkaar een huis te delen, maar het blijkt in de praktijk toch niet zo simpel. Zet een aantal mensen met hun hebbelijkheden, behoeftes en wensen bij elkaar en ziedaar: een uitgelezen recept voor problemen.
Het avontuurlijke liefdesleven van Erik gaat Anna op den duur parten spelen, waardoor zij haar rol in de commune moet herzien en zich moet gaan bezinnen op wat zij wil en nodig heeft.

Kollektivet geeft een goed beeld van het functioneren van een commune, of beter, hoe de mensen daarin functioneren. – Ook de film Together (in het Zweeds: Tillsammans), uit 2000, zoomt hierop in. De hilariteit van sommige situaties in de commune kan het onvermogen, de onbeholpenheid en de frustraties van de bewoners maar nauwelijks camoufleren. –
Het is daarbij een waar tijdsdocument. Alles klopt (op twee kleine dingetjes na, maar ach): van de rommelige inrichting met veel groene planten tot de ongedwongen vrolijkheid en de keiharde manier van overleggen. De gezamenlijke maaltijden, overgoten met enorme hoeveelheden drank, worden vaak benut om urgente en gevoelige kwesties aan te kaarten.

Zo ging het er in de jaren zeventig aan toe: je voerde serieuze gesprekken, er werd doorgevraagd. Altijd moest het gesprek ergens over gáán. Het was de tijd van de sensitivity-training. Je moest alles kunnen zeggen, kritiek kunnen leveren, elkaar kunnen kwetsen, ‘weet-je-wel’. Je moest gekwetst kunnen worden en tegelijkertijd voor jezelf opkomen. Behoorlijk ingewikkeld, dus.

Kollektivet kent een behoorlijk zware emotionele lading. Bijna vliegt de regisseur uit de bocht, wanneer een jong kind overlijdt, maar hij houdt op tijd in en gelukkig wordt het nergens sentimenteel of goedkoop. Het loopt goed af, tenminste als je het ‘open eindje’ voor lief neemt.

De film werkt als een trigger. Terug op de fiets buitelen de beelden over elkaar heen. Bij ons is het nooit tot een commune gekomen, maar we waren al een goed eind op weg.

Wij, als jong gezin, bewoonden een grote boerderij in de Achterhoek. We maakten plannen. In de schuur konden minstens vier wooneenheden worden gerealiseerd. De deel zou plaats kunnen bieden aan een grote gemeenschappelijke ruimte. In de enorme tuin zouden we onze eigen groente en fruit kunnen verbouwen. Nee, we zouden het geen commune noemen, maar een woon-werkgemeenschap. In de advertentie die we plaatsten in Vrij Nederland stond dit dan ook nadrukkelijk vermeld. We namen contact op met ‘De Kleine Aarde’ in Boxtel, werden er hartelijk ontvangen en van veel nuttige informatie voorzien. Om inspiratie op te doen bezochten we Orvelte en de Hobbitstee. We vonden dat we behoorlijk goed voorbereid waren.

Daar kwamen de gegadigden. Praktisch elk weekend kregen we gezinnen over de vloer. Grote pannen vegetarische soep stonden op de houtkachel te pruttelen. En maar praten en plannen maken.

Op een goed (!) moment werd het duidelijk dat er te veel onderlinge verschillen waren. Het voorstel om de was gezamenlijk te doen in een gezamenlijke wasmachine bleek bijvoorbeeld voor sommigen al een reden om af te haken. Allerlei plannen werden opgevoerd, waarover weer hoogoplopende discussies ontstonden. Hoeveel zouden de buitenshuis werkenden moeten afdragen aan de gezamenlijke pot? En wie zou die beheren? Konden we van elkaars eerlijkheid op aan? Moest er een soort van corvee-lijst worden opgesteld? Zouden we bij toerbeurt ons eigen brood bakken? Konden we toe met één auto? Mochten we eigenlijk nog wel auto rijden? Moest er vegetarisch dan wel macrobiotisch worden gegeten? Stond iedereen achter homeopathie? En zo ontstond er een hele waslijst aan zaken die geregeld zouden moeten worden voor de Woon-Werk-Gemeenschap Neede daadwerkelijk een feit zou zijn.

Om kort te gaan: het is niet van de grond gekomen. Als we gewoon maar waren begonnen, zoals in de film, zou de gemeenschap wellicht organisch hebben kunnen groeien. Dan hadden we tijdens wekelijkse bijeenkomsten kunnen evalueren (ook al zo belangrijk in die tijd!). Iedereen had zijn zegje kunnen doen. We hadden stevige, opbouwende discussies kunnen voeren. We hadden zwak en sterk kunnen en mogen zijn. Dan was het misschien toch gelukt. Voor een tijdje.

Met twee personen samenleven was al een hele klus. Dat is gebleken. Met vijf gezinnen samenwonen was veel te hoog gegrepen.
En met dit gegeven in het achterhoofd en een grote grijns op het gezicht, geniet ik dubbel na van de heerlijke film, Kollektivet. Zij wel……
——————————————————————————————————————-

De afbeelding komt van het internet.

Onze vader

20160719_142650

Als kleine jongen al zocht hij
De boerenwijsheid
Meer vanzelfsprekend
Dan welbewust

Misschien door de weidse weiden
De stromende rivier
De lome blik van de koeien
De noodzaak van het mes

Toen hij vader was
En ons bezwoer dat
Wijsheid met de jaren kwam
Was onbegrip
En soms ook ongeloof zijn deel

Maar door de jaren
Die wij telden
De boeken die hij naliet
Zijn eigen wijze woorden
Zijn berusting
En mildheid later

Besefte ik maar al te goed
Dat hij het gelijk aan zijn kant had

En nu nog steeds
Lichtjaren ver

——————————————————————————————————————-

Hij zou nu 95 jaar geworden zijn.

Jeugd-herberg-sentiment

img191

Tijdens de werkweek hadden we ze gezien, jongens en meisjes die op trektocht waren met de fiets. En dan kwamen overnachten in de jeugdherberg. Jeugdherberg Eikelkamp in Elst.

Wij waren ook met de fiets, twee groepen derdeklassers, onder leiding van de leraar wiskunde, die de werkweek had georganiseerd. Meer dan honderd kilometer hadden we erop zitten, toen we aankwamen in de Eikelkamp. Elke dag begon om zeven uur met ochtendgymnastiek op het grasveld. Na het ontbijt en het corvee zaten we te blokken op een flink pakket werk, dat de leraren van de HBS in Oud Beijerland ons in de maag hadden gesplitst. Woordjes van Frans, Duits en Engels. Wiskunde, geschiedenis en aardrijkskunde. Een opstel voor Nederlands. ’s Middags was er een excursie. ’s Avonds waren we meestal vrij om een beetje rond te hangen en de buurt te verkennen. En elkaar, natuurlijk. Een keer was er een hockeywedstrijd tegen een plaatselijke school. Om tien uur was er volksdansen onder leiding van de ‘vader’ en ‘moeder’ van de jeugdherberg. Of een kampvuur waar flink werd gezongen bij het gitaarspel van ‘vader’ Holierook. Kortom, we werden vermaakt, en vermaakten onszelf. En, niet onbelangrijk, we snoven aan de vrijheid.

Mijn vriendin en ik hadden de smaak te pakken; dit wilden we nog wel een keer, maar dan rondtrekken, met de fiets en in verschillende jeugdherbergen overnachten. Nichtje van vriendin wilde ook graag mee met haar vriendin. Met zijn vieren moest het toch te doen zijn.
Gelukkig wisten we alle ouders zover te krijgen dat ze (schoorvoetend, denk ik nu) toestemming gaven. We waren zestien en lang niet zo wereldwijs als de zestienjarigen nu.

Uiteindelijk was alles geregeld: lidmaatschap van de NJHC, een jeugdherbergkaart met pasfoto, een slaapzak, een lakenzak (door mijn moeder zelf gemaakt) een tas met kleding. En spullen voor onderweg, want voor de lunch wilden we natuurlijk zelf zorgen. De jeugdherbergen waren aangeschreven, men wist van onze komst; de ouders wisten precies waar we uithingen. De fietsen werden nagekeken en eindelijk werden wij uitgezwaaid: tot over een week!

img190Onlangs was ik weer eens in Bunnik, waar ik in de buurt van de jeugdherberg een afspraak had. Stayokay heet het nu. Afschuwelijk. (Waarom moet alles in het Engels, tegenwoordig?) Jeugdherberg is natuurlijk niet hip genoeg en zal de lading wel niet helemaal meer dekken nu iedereen welkom is, tot gezinnen aan toe.

Die goede oude tijd. Hoewel ik ergens anders werd verwacht, liep ik toch even naar binnen, in de voormalige jeugdherberg Rhijnauwen. Een van de plaatsen waar wij ruim zestig jaar geleden een paar stapelbedden in een slaapzaal hadden gereserveerd. Ik herkende het heel goed. Het gebouw was nog vrijwel geheel in de oude staat. De geur was niet veranderd. De bedrijvigheid was hetzelfde. Er waren nog steeds jongeren met een gitaar.
Het geroezemoes, het gehang, het geregel, de inschrijving, de vakantiestemming; het was allemaal net zoals ik het toen meemaakte. Het voelde precies hetzelfde. Even werd ik terug gekatapulteerd, naar een moment van lang geleden. Even voelde ik me weer zestien.

Sweet sixteen. En vooral sweet memories.

img189

De Romanovs van Montefiore

20160706_203139

Soms zijn er van die aangename, onverwacht leuke uitjes. Natuurlijk overkwam het ons niet; we hadden ons er zelf voor aangemeld. Toch was het verrassend. Na twee reizen naar Rusland zijn wij enorm verslingerd geraakt aan dit land, zodat vriendin H en ik het niet konden laten kaarten te bestellen voor de boekpresentatie van de vertaling van het werk van Simon Sebag Montefiore: De Romanovs. De schrijver zou worden geïnterviewd over zijn nieuwe boek in de Hermitage in Amsterdam. (Dit had van ons ook wel de Hermitage in Sint Petersburg mogen zijn, maar je kunt niet alles hebben.)

Het leek ons verstandig om ruimschoots voor het begin van de lezing naar het museum te gaan, zodat we nog tijd zouden hebben om op zijn minst een gedeelte van de expositie “Catharina, de Grootste” te zien. Door oponthoud bij het openbaar vervoer (zowel trein als tram) werd dit gereduceerd tot een half uur. Helaas, er was nog zoveel moois te zien. Maar we komen terug!

Toch werd dit jachten en jagen helemaal goed gemaakt door het levendige gesprek dat Sjeng Scheijen in perfect Engels aanging met de schrijver en historicus Montefiore. Voor een volle zaal met grijze hoofden (die van ons pasten daar overigens prima bij…..) werd een tipje van de sluier opgelicht en een aantal sappige feiten uit de doeken gedaan. Montefiore is een meeslepend verteller met grote kennis van zaken.

20160706_203341

Het was bijna vanzelfsprekend dat de bekendste Romanov, Peter de Grote, van diverse kanten belicht werd.

20160706_203307

Maar ook Catharina kwam uitgebreid aan bod.

De geschiedenis van de Romanovs beslaat een periode van ruim drie eeuwen: van 1613 tot 1918. Montefiore heeft hier een jarenlange, diepgaande studie van gemaakt, onder andere aan de hand van vele bewaard gebleven brieven en documenten. Dit heeft geresulteerd in een -zoals dat vroeger heette- kloeke uitgave, voorzien van kaarten, foto’s en stambomen. Alsof het een toneelstuk betreft, heeft hij de hele geschiedenis opgedeeld in drie bedrijven (Opkomst, Zenith en Ondergang) en deze weer in scenes. Helder en overzichtelijk.

Het was me er niet in eerste instantie om te doen geweest het boek aan te schaffen, maar gaande het gesprek leek het me toch bijna een must om dit wel te doen. Dus zo kwam het dat wij een uurtje later allebei een boek met een prachtig paarse omslag doorbladerden, hier en daar wat lazen en aansloten in de rij om het te laten signeren.

20160706_204359

Er zullen nog genoeg donkere dagen komen, waarop het heerlijk is weg te duiken in de Russische geschiedenis. Maar ook een mooie zonnige dag in de tuin, lijkt me een uitstekende optie.

Het is beslist een aanwinst. En niet alleen voor de boekenkast.

——————————————————————————————————————-

Blogs over twee reizen naar Rusland:

Klik op de links:

https://ajroc.wordpress.com/2016/06/07/to-russia-with-love/
https://ajroc.wordpress.com/2016/06/15/moedertje-wolga/
https://ajroc.wordpress.com/2015/10/06/ontmoedigend-overweldigend/

In spin…..

DSC00983Het was nogal zoeken geweest, maar hier zouden ze het wel een tijdje kunnen uithouden, dachten ze. De vlucht hierheen had behoorlijk lang geduurd, maar het was het absoluut waard geweest. Dit was een prachtige plek, deze oude, rustige woonwijk. Het mooi aangelegde parkje met de waterpartij en de grote bomen was precies wat ze zochten. Een zonnig grasveld met een bankje. Zo af en toe werd er een hond uitgelaten, maar de troep werd meestal in een plastic zakje meegenomen. Kortom, lang hoefden ze niet na te denken. Het besluit werd genomen en al snel waren ze gesetteld.

Na korte tijd bleek dat deze oase een enorme aantrekkingskracht had. Veel gelijkgestemden kwamen een kijkje nemen, in de hoop zich hier ook te kunnen vestigen. Gelukkig vond niemand het erg om dicht op elkaar te wonen, dus het werd al snel een drukke, gezellige boel. Men liep bij elkaar in en uit en nam het niet zo nauw met het mijn en dijn. Een soort commune werd er gevormd; heel gunstig ook voor als er straks kinderen zouden komen. Want dat hoopten ze allemaal, natuurlijk. Nageslacht, daar was het de meesten toch wel om begonnen.

DSC09466Het nageslacht kwam. Het groeide voorspoedig. De boom in het park, waarin zich de duizenden spinselmotten hadden gevestigd, werd volkomen kaal gevreten. Er was geen blaadje meer te bekennen. De kleintjes groeiden als kool. Eenmaal volgevreten werd het tijd om zich te verpoppen. Kilometers en kilometers zijde werd er gesponnen; zij vierden hun puberteit.
De hele boom werd feestelijk ingepakt van top tot wortel. In dikke klonten hingen de rupsjes te draaien en te kronkelen in enorme zijden zakken.

Nu was het wachten geblazen. De ouders konden tevreden zijn; hun taak zat erop. Ze hadden het goed gedaan. Een nieuw leger spinselmotten was in aantocht.

——————————————————————————————————————
UIT SPUIT? Nee hoor. Er is geen gif aan te pas gekomen gelukkig. Nadat de nieuwe horde motten zich had verspreid, liep de boom vanzelf weer uit. Al twee jaar hoop ik dat het weer gebeurt; het gaf zo’n mooi Marten Toonderachtig effect……

——————————————————————————————————————-
Dit is een verhaal in de categorie WE-300 (voor meer verhalen klik op de link), een schrijfuitdaging van Plato: schrijf een verhaal van 300 woorden, waarin het sleutelwoord niet mag worden genoemd. Deze keer was het verboden woord: ontgroenen.
Meer lezen of zelf meedoen? Ga naar https://platoonline.wordpress.com/