Helmond, een stad vol verrassingen

DSC08892

Een uitje op kosten van de NS, wie wil dat nou niet? Vriendin H en ik besloten onze vrij-reizen-dag zo goed (lees duur) mogelijk te besteden. Vanuit de Zaanstreek naar Helmond is een flinke reis. Het lukte bijna zoals we hadden gepland. Doordat de trein vanuit onze woonplaats net iets te laat kwam (de trein naar Amsterdam vertrekt over enkele minuten…. Ja, ja, heeft enkele minuten vertraging, zullen jullie daar bij de NS bedoelen), ging het overstappen in de hoofdstad iets minder soepel, zodat we flexibel en creatief onze reis moesten voortzetten.

Helmond, een bende bij het station. Alles ligt opgebroken. Na enig gezoek vinden we de juiste richting naar het centrum. Daar eerst koffie. Met vlaai, denken wij. Verkeerd gedacht; we worden vriendelijk maar beslist terecht gewezen: dit is Brabant, voor Limburg hadden we in Eindhoven richting Weert moeten gaan. Ter compensatie een heerlijk gebakje van de plaatselijke banketbakker. De Brabantse gezelligheid is voel- en hoorbaar. En, lekker opgewarmd, durven we het aan met de verrassingstocht te beginnen.

DSC08854

Natuurlijk was het optimaal profiteren van de NS niet onze enige reden om deze stad te bezoeken. Architectonisch schijnt er ook heel wat te zien te zijn. En jawel. Net buiten het centrum ontdekken we de kubuswoningen van Piet Blom. Andere kleurstelling dan in Rotterdam: daar geel, hier groen. Een mooie opstelling in een halve cirkel op een pleintje.

DSC08866

Door de hele binnenstad is een beeldenroute aangelegd. Intrigerende beelden en beeldjes. We verbazen ons steeds meer; wat we ook hadden verwacht van Helmond, dit zeker niet.

DSC08871

Het Gemeentemuseum is verdeeld over twee locaties: een oud gedeelte, wat heel toepasselijk in een kasteel gevestigd is en een totaal nieuw gebouw, de Boscotondohal. Het kasteel bezoeken we het eerst. Daar bekijken we de vaste expositie over het ontstaan van Helmond, de collectie Stadshistorie. Veel deurtjes, luikjes, geluiden. Veel zelf doen, interactief, zoals dat tegenwoordig heet. Voor kinderen (kids, volgens het gidsje….) heel begrijpelijk en leuk. En dit is de grote doelgroep. Hele schoolklassen kunnen hier hun hart ophalen.

DSC08880

Op de bovenverdieping, met de licht krakende parketvloer, wacht ons weer een verrassing. Hier is de collectie ‘Mens en Werk’ te vinden: schilderijen, tekeningen, foto’s, van de 19e eeuw tot nu. Bekende schilders uit binnen- en buitenland zijn hier vertegenwoordigd: Jan en Charley Toorop, Bart Van Der Leck, Cas Oorthuijs, Käthe Kollwitz, Pisarro. De robuuste opstelling geeft het geheel een ambachtelijke uitstraling. We drinken, nee, we slurpen het in. Als het hierbij zou blijven, waren we al dik tevreden, met dit aan de NS ontfutselde uitje. Maar we gaan voor het totaal.

DSC08885

Na een heerlijke lunch – ja, we moeten nog even – staat het nieuwe museum, De Boscotondohal, op het programma. Een prachtige plek, ook deze buurt is architectonisch zeer de moeite waard. Je verwacht niet, en dat is natuurlijk een verkeerde aanname, begrijpen wij direct, dat er hier, in het zuiden, zulk bijzonder werk te vinden is. Maar waarom ook niet. Onze vooroordelen stellen we direct bij.

Voor de balie staat op een standaard een dik fotoboek over Mandela. Als eerbetoon aan deze geweldige man. Het is nog maar een week na zijn overlijden. Later zullen we zien dat er in dit museum nog een link naar hem te vinden is.
We hebben niet heel veel tijd meer om uitgebreid de expositie: Kanaalwerken te bekijken, maar we starten vol goede moed. Weer worden we aangenaam verrast. Moderne kunst in zijn beste gedaante. De opstelling over het graven van de Zuid-Willemsvaart (door Theo van Keulen) spreekt zeer tot de verbeelding. En de foto’s die dit begeleiden, getuigen van een groot gevoel voor humor van de kunstenaar; we zien bevriende kunstenaars, die voor de foto bereid waren om een gat in hun eigen tuin te graven.

DSC08893

Vooral prachtig vind ik het laboratorium van Olaf Mooij. In drie geschakelde metalen stellingkasten staat van alles op sterk water. Goed kijken is een must: het zijn apothekerspotten met plastic autootjes, maar ook met sinaasappelnetjes, stekkertjes! Speelgoedauto’s in nog meer gedaantes, als fossiel bijvoorbeeld.

DSC08900

DSC08901

Ook de werken die van glanzend satijnen paspelband in elkaar zijn gezet zijn prachtig. De werking van het licht heeft een bijzonder levendig effect en geeft diepte en schaduw. Martin Fenne, geïntrigeerd door het moeizame bestaan van vluchtelingen in Nederland, maakte deze opvallende creaties.

DSC08910

In een aantal werken, o.a. in dat van Misja van Daal (ooit ontwerper van dessins), zien we een verwijzing naar de Vliscofabriek, die hier in Helmond gevestigd is. Hier worden de stoffen met Afrikaanse prints ontworpen en gefabriceerd. Veel vrouwen in Afrika zijn er gek op en maken hun kleding graag van deze uit Nederland afkomstige stoffen. En ziehier de aangekondigde link naar Mandela.

DSC08905

We blijven tot sluitingstijd. Het is inmiddels donker. Op de route naar het station lopen we langs de Vliscofabriek. De laatste verrassing van vandaag.

We voelen ons als de twee winkelende vrouwen, het beeldje dat we aan het begin van de dag al zagen. Maar onze bagage is van immateriële aard. Hier kunnen we weer lange tijd op teren.

DSC08867

Sven Ratzke, Diva Diva’s

sven-ratzke-diva-diva-s_1

Hij trad al op in het theater in mijn eigen stad. Achteraf ben ik blij dat ik er toen niet naartoe kon, naar Sven Ratzke met de show Diva Diva’s. Het DeLaMar in Amsterdam is een veel betere entourage voor een man zoals hij. Daar komt hij pas goed tot zijn recht. Daar wordt hij begrepen en gewaardeerd.

Vriendin/ex-collega M en ik hebben buiten een groot aantal verschillen (ik houd niet van voetbal) ook een aantal overeenkomsten. De liefde voor bepaalde boeken bijvoorbeeld, voor series als Borgen, en niet te vergeten De Kift.
Ik had nog niet veel gezien en gehoord over Sven Ratzke, maar het was genoeg om te vermoeden dat wij dat allebei heel goed en leuk zouden vinden. Zij vond het uitje een geschikt verjaarscadeau voor mij. En, ik ben haar zeer dankbaar, dat was het zeker!

Het DeLaMar is een prachtig theater. Brede trappen, rood pluche, schitterende foto’s van artiesten aan de wanden langs de met rood tapijt beklede trappen. Helder licht, blinkend zwart marmer, glanzend chroom. Alleen dat was al de moeite waard. Maar er was meer. En daar kwamen we voor.

We begeven ons naar de Mary Desselhuijs-zaal. Verwachtingsvol wurmen wij ons rij acht in, tot in het midden, stoel 13 en 14. Hoe symbolisch! Stampvol is de zaal; dat belooft wat.
Het toneel: een vleugel, een lichtbak, een rookapparaatje. Een karaf water, een glas. Een microfoon op een standaard. Eenvoudig. De artiest, de pianist; zij moeten het doen, geen overbodige attributen om hun performance kracht bij te zetten. Ze hebben het niet nodig, zal al spoedig blijken.

Sven Ratzke komt op, maakt contact met de zaal. Dit zal hij tijdens de rest van de avond verder uitbouwen, tot iedereen van hem houdt.
De show begint. Hij praat, zingt, danst, schmiert. Dit is theater op zijn best. Zo was het in de twintiger jaren in Berlijn; hij weet die sfeer raak te treffen. Diva’s komen werkelijk tot leven. Hij weet alles van ze en schroomt niet met saillante details op de proppen te komen. Heerlijk. Dit is genieten. Wat een stijl. Wat een performer, wat een entertainer. Tegelijkertijd neemt hij ook zichzelf op de hak. Dat is de kracht van de ware kunstenaar: jezelf niet al te serieus nemen, maakt je juist zeer geloofwaardig.

Aan de vleugel zijn begaafde begeleider Charley Zastrau. Getooid met een pet à la Gilbert O’Sullivan, zal hij de hele avond, twee uur lang, zijn jazzy spel ten gehore brengen. Alsof het hem zo maar ontglipt, of het geen moeite kost. Met een verlegen blos wanneer hij door Sven in het middelpunt van de belangstelling wordt gezet.

Zo trekken gedurende de avond aan ons voorbij: Shirley Bassey, Eartha Kitt, Nina Simone, Judy Garland, Dusty Springfield, Cher, Marlene Dittrich, Hildegard Knef, Anita Ekberg. Als hij hun liedjes zingt, zie je een ware transformatie tot stand komen. Zijn mimiek, timbre, en vooral zijn handen, die prachtige slanke handen, ondersteunen zijn vertolking. Zijn vrolijkheid en humor werken aanstekelijk. Ratzke krijgt het voor elkaar de zaal kevergeluiden te laten maken, te laten zingen. Het is een warm bad, waarin zeshonderd mensen tegelijk zich wentelen, zich schoonwassen van de dagelijkse beslommeringen.

Het zwarte glitterpak voor de pauze, zowel als het witte daarna, met bontstola’s en al, zijn ontworpen door Frans Molenaar. De zwarte en de witte laarsjes met hakken zijn van de hand van Jan Jansen. Ere wie ere toekomt, Ratzke maakt er geen geheim van.

In de pauze genieten wij van het prachtig uitgedoste publiek. Markante figuren met bijzondere hoedjes, chique kleding, schitterende opzichtige kostuums. Handkussen worden, spaarzaam weliswaar, uitgedeeld. Mensen spreken met elkaar over tentoonstellingen, over kunst. Bewegen zich omzichtig op wiebelhakken. Veren tasjes, kanten netjes in het haar. En, zegt M, een kapitaal aan brillen.

De tweede helft begint. Sven Ratzke stort zich er weer volop in. We zien de diva’s in hun glitter en glamour, maar ook in hun triest verval over de Bühne paraderen en strompelen.

Het eind van de show is een verrassing. Rustig, vóór op het podium, in volle concentratie, vertolkt hij het prachtige lied van Ramses Shaffy: Laat Me. Eerbetoon aan de grote zanger, die ook door iedereen in het hart gesloten werd. En wellicht aan Herman Pieter de Boer, die het lied schreef en die onlangs is overleden. Doodstil is het. Het is voelbaar hoe het publiek hierdoor gegrepen wordt.

Een overweldigend applaus is zijn beloning. Hij komt terug met een toegift van twintig minuten. De magie heeft zijn werk gedaan. Hij houdt van zijn publiek, het publiek houdt van hem. Hij heeft ons even opgetild uit het gewone aardse bestaan. Het leven was een paar uur lang alleen maar zitten, kijken, luisteren en genieten. Opgaan in het hier en nu. Daar kan geen dure cursus tegenop.

Sven Ratzke, onvolprezen theaterdier, bedankt!

De ultieme zekerheid

DSC08944

Er zijn heel wat dingen in het leven die zo vanzelfsprekend zijn, dat je je er niets over afvraagt.

Elke ochtend wordt het weer licht. Soms wat later, soms wat vroeger, maar je kunt erop rekenen.

Als ik uit het raam kijk, dan staat daar, bij het water, een treurwilg. Soms kaal, soms in blad. Maar het is een gegeven, ik kan erop vertrouwen.

Wanneer ik de schuurdeur opendoe, zie ik mijn fiets. Die staat daar gewoon. Soms een lekke band, maar meestal kan ik er zo op wegrijden.

Als ik zes minuten loop, kom ik bij het station, waar ik de trein kan nemen. Naar Amsterdam, bijvoorbeeld. Kijk, hier begint het beeld al te wankelen. Zo vanzelfsprekend is dat niet, maar we gaan uit van de goede bedoelingen van de NS.

En als ik iets wil weten over een bepaald boek, ga ik naar de boekhandel, waar ik een buitengewoon aardige, erudiete en belezen man aantref. Zijn aanwezigheid is een gegeven. Ik weet dat hij graag helpt om het juiste boek te vinden of te bestellen. Hij kan suggesties doen. Je kunt met hem praten over bijzondere schrijvers. Schrijvers die je gelezen moet hebben. Bijzondere boeken. Poëzie. Literatuur. Hij weet wat de moeite waard is en wat je niet per se hoeft te lezen.

Jan. Ik weet dat hij zo heet. Als de andere medewerkers er niet meer uitkomen, wordt hij erbij geroepen. Het is leuk om bij hem een bestelling te doen. Alles heeft hij gelezen. Vol vuur vertelt hij over die titel, waar jij je zinnen op hebt gezet.

Tot vandaag. Van mijn goede vriendin H mag ik voor mijn verjaardag een cadeau uitkiezen. Er zijn drie mogelijkheden, waaruit een keuze gemaakt kan worden. Eén van de opties is een bepaald boek. Het staat in het schap, ik blader het door, maar laat ik eens vragen of Jan….
Ik zie hem niet in de winkel. Vrije dag misschien? Eind van de week kom ik wel terug, denk ik, terwijl ik richting uitgang loop.

Ik passeer een tafel. Op het zwarte kleed een gedicht, een kaars, een roos, een foto….. Ja, hij is het. Die grijze krullen, die lach. Maar….Het kán gewoon niet. Hij hoort daar te zijn. In levende lijve. Niet in een lijstje, met daaronder twee data. Nog jong. Té jong in elk geval. Bijna had hij de leeftijd om te gaan genieten van datgene wat hij nog niet had gelezen. Hij had nog meer van die prachtige gedichten kunnen schrijven. Hij had….

Maar nee. Terwijl ik bedenk dat de ultieme zekerheid in zijn leven is vervuld, voel ik dat er in mijn leven weer een zekerheid is weggevallen.

flits

Jong en Young

20131120_222401-1

Woensdagavond. In de miezerige regen naar het station. Maar het optreden van de band van zoon Jaap van vriendin H laat ik me niet ontlopen. We verbazen ons over de chique aankleding van de trein. Dat zie je er aan de buitenkant niet aan af. Er is meer beenruimte. De glazen tussenwandjes zien er fris uit en zijn voorzien van robuuste bronzen handgrepen. Het icoontje op het raam betekent gelukkig dat je mag praten. En zo kletsen we ons door de reis heen. Ver is het niet. Al snel zijn we op Amsterdam Centraal. De tram komt er direct aan en brengt ons naar het Leidseplein.

Hooguit vijf minuten lopen en daar is het doel van de reis: Paradiso. Een kaartje kopen betekent ook lidmaatschap voor een maand aanschaffen. Nou ja, wie weet. Misschien bevalt dit zo goed dat het naar meer smaakt.

We komen voor de band The Benelux. Vanavond wordt hun nieuwe album gepresenteerd. We nemen een voorschotje op de nabije toekomst en kopen een cd en een lp. De T-shirts houden we voor gezien; zoiets dragen wij niet meer, een tekst schuin over de borst. Dat we hier zijn is al bijzonder, vinden wij. De twee oudste vrouwelijke bezoekers, op het eerste gezicht althans, een plastic glas rode wijn in de hand.

Als ware artiesten laten de leden van de band nogal op zich wachten. Maar wanneer de halve zaal vol rook wordt geblazen, kan het niet lang meer duren. En ja hoor! Als jonge honden springen de vier het podium op en het spektakel begint. We kijken elkaar aan; het klinkt goed. Krachtige stem, ruige muziek, een sterke beat. Hoe zal dat voelen voor H, je kind daar zo te zien zingen. Vragen kan ik het haar niet, althans het heeft geen zin, nu.

Het blijft leuk, nadat ik twee sets oordopjes heb gehaald, beneden bij de ingang. Op aanraden van Jaaps zus, M. Beter zo. Het wordt drukker nu het concert in de grote zaal is afgelopen en sommige bezoekers nog een afzakkertje komen nemen ‘bij ons’. Rode plastic trays met daarin acht biertjes worden over de hoofden heen vervoerd. De bezoekers blijven over het algemeen droog, maar de vloer begint geleidelijk aan te glanzen van het vocht.

Het slotnummer. Twee toegiften. En eindelijk kunnen de ouders hun zoon, broer en zus hun broer begroeten. Hij wordt gefeliciteerd met de release van het nieuwe album, gecomplimenteerd met de geweldige show. En dan wordt het voor ons tijd om te gaan.

De laatste trein. Dat is lang geleden. Ja, we worden bezadigd, lijkt het wel. Maar dit, deze avond raakte aan woest en onstuimig. In elk geval wat de muziek betreft. Drie wat oudere mannen zitten aan de overkant van het gangpad. Het woord pensioen valt. Maar daar wordt snel overheen gepraat: ze hadden een geweldige avond in De Melkweg: A tribute to Neil Young. Een van hen bladert in het boekje: Forever Young. Ze vragen naar de lp: van welke band?

Bijzonder hoe dit samenkomt: een jonge band, die haar nieuwe plaat promoot en een doorgewinterde muzikant eren op één en dezelfde avond.
En H? Ja, ze had zich met enige verbazing gerealiseerd dat het haar zoon was, die daar op dat podium in Paradiso de sterren van de hemel stond te zingen.

Circus Kribbe in Den Haag

20131112_221753 (1)Een uitje in Den Haag. Deze keer moet ik eigenlijk zeggen ’s-Gravenhage, want het is een uitje naar de Koninklijke Schouwburg. Het is dinsdagmiddag en ik ga op weg naar de oude, Haagse vriendin. Ik ben aan de late kant en het is drukker dan ik dacht. Maar gelukkig verdwaal ik deze keer niet. Bram loodst me behendig door het laatste lastige stukje van de route. Hier ging ik zonder zijn hulp nog wel eens de fout in.

Bij de thee belanden we in no time in een geanimeerd gesprek. Kunst, religie, film, boeken, altijd gaat het wel ergens over. Ik leg ‘Zaans Veem’, van Freek de Jonge voor haar op tafel. En we bekijken het programma van het Residentie Orkest. In februari naar een concert? Ja, deze vitale dame, zevenentachtig inmiddels, staat nog midden in het leven.

De bestelde kaarten voor de voorstelling van vanavond moeten nog worden afgehaald. En we gaan met het taxi-busje. Dat is speciaal voor ouderen – zij heeft een abonnement en mag een gast meenemen – en dat betekent dat er meer mensen kunnen worden opgehaald en weggebracht. Vroeg weg dus. Om zeven uur wordt zij op haar mobiel gebeld en reppen wij ons naar beneden.

De chauffeur is een vriendelijke man. Hij zit wat te snotteren achter het stuur en maakt ons deelgenoot van zijn op handen zijnde ziekte. Gelukkig heeft hij geen hoofdpijn, anders had hij hier niet gezeten. En zo nog wat interessante feiten. “Waar gaan jullie naar toe?”, wil hij weten. “Naar Freek de Jonge”, is ons antwoord. “O, die met die slangen?”. Nee, die niet. We proberen nog: “De cabaretier…” Maar nee, Freek Vonk kent hij wel. Hij kan ons veel over hem vertellen. Te vroeg zijn we zeker niet. Er wordt een oudere Haagse dame opgehaald en weggebracht voor we richting schouwburg gaan.

20131112_221850

Oud Den Haag. Hier fietste ik met mijn vader. Hier gingen we met hem naar de Cineac. Hier kocht mijn moeder nieuwe gordijnstof. Hier reden we met de tram naar de Bijenkorf, waar we een thé complet mochten bestellen, met ranja in plaats van thee. Het doosje met herinneringen floept weer open.
Maar, geen tijd daarvoor. We zijn gearriveerd en rekenen de kaarten af. Tweede balkon, helemaal vooraan. Prima plaatsen.

20131112_200947

Daar is de grote meester van het cabaret. Circus Kribbe is een fantastische voorstelling. Freek op z’n best. Razend scherp en actueel. Ontroerend en met zijn bekende rake humor. En natuurlijk heeft Hella zich uitgeleefd: schitterende attributen, geweldige vondsten en de belichting mag spectaculair genoemd worden. Bijna twee uur lang weet hij ons te boeien en te vermaken. Dan is het verhaal rond en de boodschap duidelijk.

Na de toegift worden we uitgenodigd voor een meet and greet met Freek en Hella in de foyer. De dvd van de voorstelling is te koop en de opbrengst daarvan is geheel voor de door de tyfoon getroffen mensen op de Filipijnen. Zij hebben het geld harder nodig dan hij.
Vriendin is bijzonder tevreden met het gesigneerde exemplaar en het leuke gesprek dat Freek met haar aanknoopte.

Freek

Voldaan en met een lach op het gezicht rijden we met het taxi-busje door weer een ander gedeelte van de Haagse binnenstad. Het is laat, maar in Het Torentje brandt nog licht. Een veilig gevoel.

De advertentie

DSC08774Ze was een vrouw met een brede belangstelling. Maar vooral was ze geïnteresseerd in mensen. Die combinatie van eigenschappen deed haar belanden in de verpleging en in de politiek. Haar huwelijk was min of meer een noodzakelijk kwaad. Er kwamen twee aardige mensenkinderen uit voort – haar woorden.

Ze begon een nieuwe relatie en haar blik verruimde zich nog meer; alles op esoterisch gebied kreeg haar aandacht, naast religie en het humanisme. Haar leven werd één grote zoektocht naar de zin van het leven. Onverzadigbaar. Ze verzamelde boeken, ideeën, stromingen, geneeswijzen, mensen. Ze bleef op de hoogte van de politiek, zonder er actief aan deel te nemen. Ze hield bij welke films er draaiden, welke boeken er uitkwamen. Ze bezocht lezingen, spirituele bijeenkomsten, godsdienstige vieringen. Ze stortte zich op de symboliek van het Hebreeuws, de tarot, astrologie.
Terwijl haar geestelijke bagage groeide, moest ze op fysiek gebied inleveren. De ziekte met de grootste verwoestende eigenschap diende zich aan. Tot twee keer toe belandde zij voor een rigoureuze ingreep in het ziekenhuis.

Het huwelijk verbrak zij zelf, vanwege haar expansiedrift. De tweede relatie werd, vanwege dezelfde reden, verbroken door haar vriend. Hij was, net als zij, geïnteresseerd in het spirituele. Maar in plaats dat dat hen verbond, zorgde het voor verwijdering: voor haar was het nooit genoeg. Helaas had ze dit pas te laat in de gaten. De ellenlange gesprekken ’s avonds laat, na de zoveelste cursus, maakten haar overduidelijk dat de grens was bereikt. Hij plaatste in het geheim een contactadvertentie in de krant.

Het bloed kruipt waar het niet gaan kan. Zij wilde niet alleen blijven. Ze zocht een gelijkgestemde man. Die zaterdag kocht ze De Volkskrant.

Op het moment dat de brief in de brievenbus gleed, wist ze dat ze op deze advertentie nooit had moeten reageren.

——————————————————————————————————————-

Dit is een bericht in de serie WE-300, een schrijfuitdaging van Plato. (Zie http://platoonline.wordpress.com/, hier kun je ook andere leuke, spannende, ontroerende verhalen lezen) In de tekst van 300 woorden mag een bepaald woord niet voorkomen, terwijl het duidelijk moet zijn dat het daar wel om draait. In dit geval was het verboden woord: verhalen

Andere berichten in de categorie WE-300:
Leve de EEG! (verhalen)
Zonnebloemen (verwennen)
Soezen (verwennen)
De brief (spinnen)
In The Looking Glass (schakelen)
Struikelen over het verleden (schakelen)

Leeuwarden, een stad met een hart.

DSC08604

Op een zonnige zondag, nu een week geleden, stappen vriendin H en ik uit de trein op station Leeuwarden. Als je een architectuurcursus volgt, zoals H, kun je hier je hart ophalen. Wat al direct opvalt, zijn de vele koepeltjes. Op het gebouw van Rijkswaterstaat een koepeltje van voorrangsborden, bijvoorbeeld. Wat zou hier de gedachte achter zijn? Veel gebouwen met spiegelende ruiten. De gespiegelde gebouwen zien eruit of Hundertwasser hier een kans heeft gekregen.

DSC08609

Gelukkig is er ook nog veel oud. En waar oud en nieuw elkaar ontmoeten, is er een goed huwelijk gesloten. Langs de kade ligt een schip met de prachtige, rustgevende naam: Bestemming. Wat mooi is dat. Zelfs varend ben je altijd waar je wezen moet. Verlangen vervuld. Dat dat niet voor iedereen geldt, zal aan het eind van de dag blijken.

DSC08612

Het doel van vandaag is een bezoek te brengen aan het nieuwe Fries Museum. Een prachtig ontwerp van Hubert-Jan Henket, die daarvoor aangewezen werd door Abe Bonnema. Deze Friese architect liet bij zijn dood in 2001 een bedrag van 18 miljoen euro na voor de bouw van het museum aan het Zaailand. Henket werkte in de geest van zijn opdrachtgever: de gebruiker staat centraal, ofwel: houd de menselijke maat in het oog. Dat die opzet gelukt is, zal iedere bezoeker kunnen beamen.

DSC08617

Vanuit het museum heb je een weids uitzicht over het plein met aan de overkant het in neo-classicistische stijl gebouwde Paleis van Justitie. Groter kan het verschil haast niet zijn tussen twee gebouwen. Hoe hoger je komt, des te meer je ziet van de stad. Wat een panorama. Wat een ruimte. Je waant je in het buitenland.
Ook in het museum voel je de ruimte. Veel glas zorgt voor licht en lucht. Zoals je Friesland ervaart. En uiteraard gaat het Fries Museum over Friesland en de Friezen. Op het affiche wordt subtiel verwezen naar Us Mem.

DSC08627

Vanzelfsprekend wordt er aandacht besteed aan Bonnema. Een videofilm geeft een goed beeld van zijn werkwijze en zijn denkbeelden. Maar er is veel meer uiteraard. Onder andere landschappen van Gerrit Benner, in de afdeling Horizonnen. De kleurige vilten muurbekleding van Claudy Jongstra is prachtig en zorgt, ondanks het zachte materiaal, voor een krachtige uitstraling.

DSC08626

Indrukwekkend is vooral de afdeling die is gewijd aan het verzet. In een aantal zalen word je op indringende wijze nog weer eens met je neus op de feiten gedrukt. Ook de kinderen die er rondlopen krijgen een idee van hoe het was, ooit. En het is mooi dat hun ouders de moeite nemen om ze hiermee in aanraking te brengen.

DSC08623

Na een heerlijke lunch, waarbij de Friese nagelkaas niet ontbrak, hervatten wij onze tocht door de nog steeds rustige stad. Wat een zegen is het toch dat niet overal de gekte is toegeslagen en de winkels zeven dagen per week zijn opengesteld.
Weer een groot plein. Voor de scheve toren van Leeuwarden, Oldehove, uit de 16e eeuw: ooit had hier een basiliek moeten verrijzen. Ach ja, Abe Bonnema zou wel op de hoogte zijn geweest van het feit dat je zoiets niet kunt bouwen op slappe kleigrond. Zelfs de toren is nooit afgebouwd, omdat die tijdens de bouw al verzakte.

DSC08636

Dat het plein toch een functie vervult, merkten wij een half uur later. Vanuit de Bonifatiuskerk bleek een Mariaprocessie op weg te zijn, richting Dominicuskerk; op alle bankjes rond het plein zaten mensen te wachten op de dingen die komen gingen.

DSC08672

DSC08665

En ja, daar kwamen ze. Of liever gezegd, daar kwam ze: een donkere Maria met een donker kindje Jezus, in een glazen omhulsel, op waardige wijze gedragen. Muziek en wierook. Gezang en serene glimlach.

DSC08668

Maar ook kwajongens die erg hun best doen de kaars netjes te dragen, maar toch afgeleid worden tijdens het lange wachten op het plein en een beetje met elkaar dollen. Kinderen die volledig opgaan in het zwaaien met de wierookbrander. En dit alles in Leeuwarden; Bonifatius moest eens weten dat zijn missie uiteindelijk toch succes heeft gehad.

DSC08669

We hadden daarna nog een half uur om ons te verlustigen aan Chinees porselein in museum ‘De Princessehof’. De vaste collectie was voor deze bijzondere expositie door rode stof aan het oog onttrokken. Het hoefde maar een klein stukje opgelicht te worden om stiekem een foto te kunnen maken van het oude Nederlandse ‘vaatwerk’.

DSC08675

Toen was het tijd om via de oude binnenstad het station weer op te zoeken. Het huis van Anna Blaman hebben we letterlijk links laten liggen. Langs het oude, uit twee tegenover elkaar liggende panden bestaand ‘Fries Museum’, waarop een bok een gouden ei bewaakt.

DSC08679

Langs een marmeren plaat, als een grafsteen in de straat verwerkt, met daarop een gedicht van Slauerhoff. Hij vond zijn bestemming niet. Nergens, blijkt uit zijn mooie, maar trieste woorden.

20131006_171000

Wij wel. De trein staat al klaar en we zoeken een plaatsje in de bijna lege coupé. Het was weer een dag met een gouden randje. We gaan in stilte nagenieten.

Rembrandt uit en thuis

DSC08495

Vrijdagavond brachten vriendin MD en ik een bezoek aan het Rijksmuseum. Bij de ingang onder de traverse werden we bijzonder vriendelijk verwelkomd door een groepje aardige jonge mensen – studenten dachten wij – in zwarte broek en rode blouse. We werden voorzien van een plattegrond en een consumptiebon en naar de garderobe verwezen. Daar stond weer een hele batterij vrolijke jongeren, dit keer in kaki outfit, te azen op onze jassen.
Na de koffie, geserveerd door een bijzonder aardige jonge vrouw in stemmig zwarte kleding, begonnen we ons ware VIP’s te voelen. We hoefden niet zelf de lift te zoeken, die werd ons gewezen. Zelfs het lichtjes optrekken van een wenkbrauw deed al iemand toesnellen met de vraag of wij ergens bij geholpen dienden te worden.

En eindelijk stonden we er. Voor de Nachtwacht. Na al die jaren weer oog in oog met dat kleine meisje. Maar nee, we wilden ons niet voor dit indrukwekkende schuttersstuk laten vereeuwigen door een van de toegesnelde fotografen. Heiligschennis vonden wij. Wat was het heerlijk om zo rustig door de zalen te lopen en al die prachtige werken weer te zien.

Bij de meeste schilderijen stonden (ook weer jonge) medewerkers klaar om vragen te beantwoorden en toelichting te geven. De zeer deskundige technische verhandeling maakte ons veel wijzer en we mochten overal bijna letterlijk met onze neuzen op staan.
“Rembrandt manipuleerde met licht; niet alleen door de heldere, lichte kleuren die hij koos, maar vooral ook door pasteus te schilderen. Dikke plakkaten verf bracht hij op, waarbij hij paletmes en soms zelfs zijn handen gebruikte. Zo spat het licht van het schilderij.”

Alleen bij het verhaal dat de enthousiaste vrouw vertelde over de ‘waarheid’ achter Het Joodse Bruidje had ik mijn twijfels. Deze titel is pas later aan het schilderij gegeven. Oorspronkelijk schilderde Rembrandt een Bijbels thema. Het schilderij zou ooit groter zijn geweest en linksboven was toen een raam te zien met daarachter de farao. Tot zover kon ik daar wel in mee gaan; tenslotte is er ook ooit een stuk van de oorspronkelijke Nachtwacht afgesneden wegens plaatsgebrek. Maar daarna vertelde zij het volgende:
“Eigenlijk zijn hier Izaäk en Rebecca afgebeeld. Izaäk wilde niet dat de koning (de farao dus) wist dat Rebecca en hij getrouwd waren, omdat hij bang was dat hij gedood zou worden, zodat de koning met zijn vrouw zou kunnen trouwen. In het geheim beminden zij elkaar, wat duidelijk te zien is op het schilderij; de blik, de tedere hand op de borst, de hand van de vrouw die de vingers van haar man beroert. En: hoort de vrouw soms iets?”

We bedankten voor de uitleg, maar bij mij begon er gaandeweg iets te knagen. Er klopte iets niet. Dit verhaal kende ik in een andere setting, namelijk wanneer Abram en Sarai, de latere ouders van Izaäk, in Egypte zijn, tijdens een hongersnood in het land Kanaän. Abram wil niet dat Sarai als zijn vrouw wordt gezien, en stelt haar voor als zijn zuster. Het hele verhaal is te lezen in Genesis 12: 10-20. Had de medewerkster zich vergist? Of wist ze niet beter? Toen ik er iets over vroeg, antwoordde ze dat ze niet zo bijbelvast was. Dat hoeft natuurlijk ook niet, maar je moet wel weten waar je het over hebt, wanneer je zo’n enorme tip van de sluier oplicht.

Ik vind het jammer dat tegenwoordig vaak de basiskennis ontbreekt. Er is in de loop der eeuwen zoveel geschilderd naar teksten en figuren uit de bijbel, dat het me noodzakelijk lijkt voor studenten kunstgeschiedenis en medewerkers van musea met oude kunst, om kennis te nemen van de meest gangbare verhalen. Zie het als algemene ontwikkeling. Het is alles zo verweven met onze cultuur.

Maar genoten hebben we, van ons brave en ingetogen uitje. (Weer niet woest en onstuimig, dus) En thuis? Ja toen werd er bij P & W nog uitgebreid gesproken over De Staalmeesters. Een onverwacht interessante afsluiting van een bijzonder geslaagde avond.

Zie ook Hundertwasser uit en thuis: http://wp.me/p36K0e-aE

Hundertwasser, uit en thuis

img075De expositie in het Cobramuseum in Amstelveen van vrij onbekend schilderwerk van Friedensreich Hundertwasser trok flink wat bezoekers, waaronder vriendin T en mij. Het artikel dat T uit de krant had geknipt, zou een mens niet al te enthousiast maken. Of misschien juist wel, om de ‘zwakke penseelstreek’ zelf in ogenschouw te nemen en er een eigen mening over te vormen.
Van Hundertwasser kende ik eigenlijk alleen maar zijn organische architectonische werken, die ik zeer bewonder. Het schilderwerk is voornamelijk in bezit van particulieren en was daardoor niet vaak te zien. Dat er een expositie van is samengesteld is dus wel bijzonder. Na te zijn tentoongesteld in Wenen (wat een zeer succesvolle onderneming is geweest), zijn de werken nu in Nederland te zien. De keuze voor het Cobra Museum ligt voor de hand, daar Hundertwasser een aantal leden van de Cobrabeweging kende en regelmatig ontmoette.

Een markante man. Van 1928 tot het jaar 2000 heeft hij de wereld verrijkt met zijn persoonlijkheid. Vanaf de vijftiger jaren heeft hij geschilderd (soms onder invloed van psilocybine). En hoe. Op de expositie hangt een sterk uitvergrote zwart-wit foto, waarop je hem bezig ziet: een groot vel papier waarop hij in het midden een draagbaar radiootje heeft neergezet. Toen ik dat beeld zag, stemde het me zowel vrolijk als weemoedig. Vrolijk omdat hij laat zien dat het schilderen een ambacht is en niet iets heiligs of verhevens – hij lijkt ook met iemand te spreken onder het werk. En weemoedig omdat er in de museumzaal muziek klonk en ik me afvroeg of hij indertijd naar iets dergelijks luisterde. Welke muziek heeft er gespeeld? Waardoor werd hij geïnspireerd? Japanse muziek? Zoals hij ook werd geïnspireerd door Japanse schilders en Zen?

DSC08376

Van een zwakke penseelstreek was geen sprake, vonden wij. De verf was niet op alle plaatsen even dik aangebracht. Dat gaf juist kracht aan de schildering, het beeld werd er helderder en schilderachtiger door. Er kwam beweging in en diepte. Er zat een gedachte achter, dat was duidelijk. We waren zeer onder de indruk.

DSC08377

‘De rechte lijn is goddeloos’, is één van Hundertwassers uitspraken. Rechte lijnen zul je bij hem dan ook niet aantreffen, noch in de architectuur, noch in zijn schilderwerk.
Wat ik daarom enorm waardeer is dat de organisatoren de moeite hebben genomen om voor de folder en de affiche gebruik te maken van een lettertype waarbij ook geen sprake is van rechte lijnen, namelijk hobo (ontworpen in 1910 door Morris Fuller Benton).
Friedensreich Hundertwasser (oorspronkelijk Stowasser) heeft een onuitwisbare en kleurige indruk op ons achtergelaten. Een degelijk cultureel uitje. (En weer niet woest en onstuimig….zie ook http://wp.me/p36K0e-8g)

En thuis? Ja, thuis ligt een door kleindochter(4) in de zomervakantie gemaakt ‘hundertwassertje’. “N is goed in vormen”, aldus haar broer(6). En ik ben het daar roerend mee eens.

img053

Gek genoeg

Vriendin MD en ik spraken een aantal jaren geleden af, dat we op een keer woest en onstuimig zouden gaan leven. Ooit. Hoe dat leven eruit zou gaan zien, ja daar hadden we geen idee van. Zelfs wisten we niet precies wat we ons moesten voorstellen bij woest en onstuimig. Helemaal niet erg natuurlijk, want als de tijd daar was zou dit vanzelf aan ons geopenbaard worden.

Om de een of andere reden kwam het maar niet uit de verf. Regelmatig herinnerden wij elkaar aan de afspraak. Op menig verjaars- of nieuwjaarskaartje werd de belofte ten overvloede genoteerd: “Van harte! In het kader van woest en onstuimig leven nodig ik je uit voor een film in het filmhuis.” Of: “Ik wens je een rustige kerst en een woest en onstuimig nieuw jaar.”

Woest en onstuimig leven; wie wil dat nou niet?

Het komt er uiteindelijk op neer dat wij dat, diep in ons hart, inderdaad niet willen. Of niet durven. Of dat we niet weten hoe het moet. Waarom leven wij het leven dat we al jaren doen? Gewoon, zonder al te veel gekke dingen? Wat weerhoudt ons ervan om de afspraak na te komen? Uitvluchten waren er tot nu toe genoeg. Zorg voor kinderen, ouders, drukke baan, maar die gelden niet of nauwelijks meer.

Nee, woest en onstuimig; het zal er niet van komen. En daar moeten we ons dan maar bij neerleggen. Als gevleugelde uitspraak zal hij het goed blijven doen, het staat leuk als kreet op een kaartje, maar meer moeten we ons er niet bij voorstellen.

Wel hebben we van tijd tot tijd bijzonder leuke uitjes. Een gewoon uitje wordt om een of andere reden doorgaans heel speciaal. Hoe dat komt is niet helemaal duidelijk, maar het is een feit. Een bezoek aan het Drents Museum, De Sovjet Mythe, wordt, ondanks de sneeuw, de kou en de vertraging op het spoor, een geweldige dag. We genieten van de kunst, de lunch in het uit Den Haag overgeplaatste café Krul en van een onverwachte ontmoeting op het station. Een strandwandeling, op een bewolkte middag, die zodra wij het strand op lopen, stralend zonnig wordt, is een cadeautje. We vinden krabbenschildjes en door het heiige weer zijn de windmolens niet zichtbaar. De film, waarvan we niet zeker wisten of hij de moeite waard was, bleek een schot in de roos. Het diner vooraf, in het Filmhuisrestaurant, ook. En de lijst kan nog worden aangevuld.

Het is maar één keer de mist ingegaan. Wij kregen van een kennis twee kaartjes voor een cabaretvoorstelling in het theater, waar zij zelf niet naartoe kon. Toen de pauze begon hadden wij nog niet één keer gelachen en bijna voortdurend met kromme tenen gezeten. We zijn weggegaan en hebben een goed glas wijn gedronken in een gezellig café. Dus uiteindelijk kwam ook dat uitje weer goed.

Ons laatste uitje was ontbijten op het strand. Om het begin van de vakantie te vieren. Het was prachtig weer. De broodjes waren vers, de koffie was goed. Dat er speculaasjes bij werden geserveerd namen we op de koop toe. Dat we uitzicht hadden op het windmolenpark ook.
Het enige onstuimige was de wind, die alle parasols uit de grond blies. En woest was alleen de persoon die daardoor werd geraakt.

Woest en onstuimig? Ach welnee. Wij doen maar gewoon, dat is al gek genoeg.

DSC07975