Overstag

bezoekHet was maar een klein dorpje, dus je kon niet veel verborgen houden. Er werd gekletst. Over iedereen, maar de laatste tijd vooral over hem. Hij was zijn hele leven al een buitenbeentje geweest. Hij had zich erbij neergelegd. Veel zou er niet veranderen. Hij verdiende zijn brood met zijn handen; vakwerk leverde hij. Dat wist ook iedereen. Klanten had hij genoeg. Zelfs uit het buitenland kwamen bestellingen.

Hij tuurde door de open deur van de werkplaats. Nog nooit had wachten zo lang geduurd. Werken was beter, het gaf afleiding. Een moeilijk klusje eiste al zijn aandacht op. Voor even. De onrust nam weer volledig bezit van hem. Hoe had dit zo kunnen lopen? Eerlijkheid was zijn motto. Had hij zich vergist? Had zijn blinde vertrouwen hem parten gespeeld? Hij smeet zijn gereedschap op de grond. Hoe goed kende hij haar eigenlijk?

De reis duurde nu al een week. Naarmate ze dichter bij huis kwam, viel de tocht haar zwaarder. Familiebezoek, had ze tegen hem gezegd. Het was nog waar ook. Hij had haar bevreemd aangekeken: “Waarom nu?” Ze hadden wel wat anders aan hun hoofd. Ze had zich zo gelukkig gevoeld. Overweldigd. Had ze niets moeten zeggen? Het geheim moeten bewaren? Maar ze was toch altijd zo eerlijk geweest? Goeie genade, ze voelde zich bijna wanhopig. Waarom accepteerde hij het niet?

Hij nam een besluit. Als het dan zo was, dan moest hij zich er maar in schikken. Terwijl hij zich bukte om zijn hamer op te rapen, zag hij haar kleine voeten, onder het stof. Hij richtte zich op. Zag haar ogen die angstig, afwachtend keken, vanonder de blauwe hoofddoek.

Hij nam haar in zijn armen, teder als altijd. “Jezus, Maria”, fluisterde hij schor, “laten we dat kind een thuis geven.”

img047

——————————————————————————————————————–

Dit is een verhaal in de categorie WE-300, een schrijfuitdaging van Plato. Schrijf een verhaal van 300 woorden, waarin een bepaald woord niet mag voorkomen. In dit geval was het verboden woord: kerstpiekeren.

De illustraties komen uit het schitterende prentenboek: De Geboorte, van Julie Vivas

(N.B. Waarschijnlijk begrijpt iedereen wel dat Maria, blij verrast, haar aardse lover vriendelijk doch dringend verzocht zijn mond te gaan spoelen…..)

In the Looking Glass

droogkapNadat de laatste klant was vertrokken, veegde hij de plukken haar bij elkaar, ordende de flesjes versteviger en de bussen haarlak en spoelde de wasbak schoon. Het was een drukke dag geweest. Vrijdag. Dan kwamen de dametjes uit het dorp hun haar laten doen. Zondag in de kerk zag je dan allemaal dezelfde grijze permanentjes onder de hoedjes uitpiepen. Ach, hij deed het met liefde. En zijn vrouw nam een groot deel voor haar rekening. Maar op sommige dagen, zoals vandaag, moest hij moeite doen om een goed gesprek op gang te houden. Kappers staan bekend om hun spraakzaamheid, maar Gerard was een dromer en niet altijd in staat tot een koetjes-en-kalfjesgesprek.

Hij plofte in een stoel en staarde in de spiegel. Was hij dat? Een middelbare man, grijzend aan de slapen? Kapper in een dorp waar nooit iets gebeurde. Keurig getrouwd en twee kinderen. Door de week de zaak en in het weekend het gezin en de familie. Terwijl…. Hij schudde zijn hoofd. Niet aan denken nu. Hij was kunstzinnig aangelegd. Bruidskapsels waren zijn specialiteit. De vrouwen die door hem gekapt waren, konden voor de dag komen in het gemeentehuis en de kerk.

Weer dwaalden zijn gedachten af. Naar die klant van vorige week. Dat prachtige, blonde, halflange haar. Wassen en knippen, hij was zorgvuldig te werk gegaan. Het gesprek vlotte buitengewoon; over kunst, musea, Amsterdam, uitgaan…. Telkens ontmoetten hun ogen elkaar in de spiegel. Mooie ogen, zag Gerard. Een lieve glimlach.
“Mag ik je bellen?”, vroeg hij bij het afrekenen. “Woon je hier?” “In Amsterdam”, was het antwoord. “Bel maar liever niet, dat vind mijn vriend niet leuk”. Voor het laatst ontmoetten hun ogen elkaar. De jongen draaide zich resoluut om en liep naar de deur.
“O Tessa”, riep Gerard vertwijfeld uit, “hoe moet dat nu met ons?”

WE-300 is een schrijf-’uitdaging’ van Plato (http://platoonline.wordpress.com).
Schrijf een verhaal van 300 woorden waarin een door Plato bedacht woord niet mag voorkomen, maar het moet wel duidelijk zijn dat het verhaal erom draait. In dit geval was het verboden woord: schakelen.