Demeters hoop

DSC02511

Al maanden ligt de zwarte bonkige aarde
In dikke kluiten nat en kaal te wachten

Op de gedreven tuinder
Die met veel aandacht, werklust
En liefde, vooral dat laatste
De diep verborgen geheimen
Aan de grond zal weten te ontlokken

De groeikracht hangt als een onzichtbaar waas
Boven de kluiten
Die na een nachtje vorst
Bij de minste aanraking uiteen vallen
Ontvankelijke
Van beloften zwangere grond

Wie komt er met zoete of wellicht barse stem
De zaden toespreken
Zodat de harde bastjes
In het donker opensplijten
Om dan in door lentegroen gefilterd zonlicht
De kiemblaadjes te tonen
Voor het echte groeien aanvangt

Wie ontfermt zich met hart en hand
Over deze zo lang verguisde tuin?
Wie tovert een glimlach
Op het aangezicht der aarde?

Al doende

DSC08556

Waar tijd verstrijkt
Begeeft het leven zich
Naar schijnbaar nieuwe verten
Van nooit gezien
en nooit gehoord, verwacht
Maar toch
Eens was gedachte
werd al doende werkelijkheid
De toekomst blijkt niet onbekend
Want ooit gewild, gewenst
Of stil verlangd

Terwijl steeds meer
Ons lijkt te binden
Wordt wat ons bond
Een zoete ijle ademtocht

De winst ligt opgebaard
In het verlies
Terwijl de bloem verwelkt
Rijpt reeds het zaad

Mijn schepping

De zwarte aarde is nog woest en ledig
Een grote chaos op het kleine stukje land    
Er zijn nog geen creërende gedachten
Gereedschap ligt nog doelloos aan de kant

Nu eerst het water en de aarde scheiden
Een bedding maken voor wat groeien moet
De vette klei zal zich gewonnen geven
En maakt het harde werken goed

De zon dringt langzaam door de wolken
De maan vervaagt, een zachte wind steekt op
Ik heb zojuist de laarzen aangetrokken
En neem de eerste aarde op de schop

Degene die niet werkt zal ook niet eten
Dus spit en hark ik, leg de nieuwe zaden klaar
De rug gekromd, de handen uit de mouwen
En dromend van een goede oogst dit jaar

DSC04298