De straat van de vissende kat

img098

Waarschijnlijk heeft iedereen wel een “oom Hans”. Een oom die net iets bijzonderder is dan de andere. Ik had er in ieder geval één. Hij stak met kop en schouders boven de andere ooms uit. Die hadden ook iets speciaals, interessante beroepen bijvoorbeeld. Of een auto. Misschien komen ze ook ooit nog eens aan bod, maar nu gaat het over deze oom. Er stond Mr. voor zijn naam. Hij was journalist. Een journalist die ook boeken schreef. Een oom die met andere schrijvers optrok. Een oom die mij op het spoor heeft gebracht van de druksels van H.N. Werkman, over wie ik mijn scriptie schreef op de kweekschool.

Het was 1965. Ik was geslaagd voor HBS-A. Oom Hans nam mij mee naar Parijs. Voor onderweg nam ik zijn zojuist verschenen boek mee: Moordenaarswerk. Alles was goed voorbereid. Mijn ouders kregen een kaart van hun zwager, met daarop in het kort hoe we naar Parijs zouden reizen (per trein) en waar we zouden verblijven (in een “net” hotel). En dat we na drie dagen door zouden gaan naar de Dordogne, waar mijn tante, nichtje en neefjes verbleven.
Mijn moeder naaide nog wat leuke jurken en een tas voor de vakantie. Een beetje speciaal ook; we gingen ten slotte naar Parijs, de stad van de mode!

O, Gare Du Nord! O, Champs Élysées! O, Rue Du Chat-qui-pêche! O, Quartier Latin! Het Louvre, het Luxembourg, de Tuillerieën. De Eiffeltoren, de boekenstalletjes langs de Seine. Montmartre, de Sacré Coeur. Alles heeft hij me laten zien, die bijzondere oom, die eigenlijk liever in zijn eigen kamer verbleef, tussen zijn vrienden de boeken. Maar die nu zijn nichtje kreeftensoep leerde eten, die haar meenam naar een Viëtnamees restaurant. Die ervoor zorgde dat we in een ander hotel terechtkwamen dan gepland, omdat wij niet in één bed wilden slapen (het idee!), maar in aparte kamers. Die ’s morgens bij het ontbijt de garçon riep, omdat er onder het kannetje hete melk een dikke klont kauwgom zat vastgeplakt.

Het was een bijzondere reis, waar ik nog steeds dierbare herinneringen aan bewaar. Ik ben naderhand nog vaker in Parijs geweest. Nooit meer was het als toen, die eerste keer. Altijd weer zag ik het vriendelijke gezicht van oom Hans en hoorde ik zijn prettige stem die mij vergastte op leuke anekdotes. En altijd keek ik uit naar dat smalle straatje, dat zo tot mijn verbeelding sprak: de Rue Du Chat-qui-pêche.

——————————————————————————————————————-

Met dank aan mede-blogger Wllm Kalb, die mij op het spoor zette van Oom Hans!

Advertenties

Pinksteren aan zee

img098

Pinksterzondag op het strand
Het belooft een mooie dag te worden
Voor de meute uit drinken we koffie
Een aardige jongen droogt de stoelen
Met een grijs-geruite theedoek
Hij heeft een drukke dag voor de boeg

Een truck rijdt het strand op
En laadt biertonnen uit
Het wordt een pianofeestje straks
Als de zon hoog staat
Het strand vol is
En de mensen dorstig zijn

Maar nu is het goed zoals het is
Zand en water
Een enkele wandelaar langs de vloedlijn
Een jongen met zijn hond
Een zeil in de verte
Een vrachtschip

Als de zon tussen de wolken door komt
Vangt de oneindige watermassa
Sprankjes licht

Geen tongen van vuur
Maar toch een kleine verwijzing
Naar de geest
Die ons allen bezielt

We doen er het zwijgen toe
Voor even

——————————————————————————————————————-

De illustratie is een druksel van Hendrik Nicolaas Werkman: De tocht naar Jeruzalem (1941)