Wat je nooit meer ziet (2)

DSC07939

Het flesje groene vulpeninkt bracht een vracht aan herinneringen naar boven. De geur in de eerste plaats. Die deed me zo weer belanden in de schoolbank. Maar er is ook de herinnering aan beloning. Wanneer je heel mooi had geschreven in je schrijfschrift ‘mocht je met rood’. Bleef je je best doen, dan mocht je uiteindelijk een keer ‘met groen’. We kregen ook stempels. En tien stempels leverden een poezieplaatje (zonder trema!) op. Kom daar nu nog eens om.
Hier volgt een lijstje van dingen die al associërend bij me op kwamen en die je -volgens mij- niet meer ziet……..

– Kroontjespennen, waaraan je even moest likken als je een nieuwe kreeg, ‘anders deed-ie het niet’ (kindermagie). En wie weet er nog hoeveel een gros is?
– Gemarmerde, taps toelopende penhouders. Die wilde je graag!

DSC07936

– Gewone effen penhouders, die je op school kreeg (rood, geel, groen of blauw). Ze waren gemaakt van een of andere kunststof, en werden door sommige kinderen tot aan het koperen handgreepje opgekauwd.
– Een gleuf in je schoolbank voor je pen en potlood
– Een inktlap. Gemaakt van restjes stof met een mooie knoop erop. Soms gekocht. Dan was het er vaak een met sponsachtige laagjes. Dat spetterde enorm bij het afvegen van je pen.
– Een vloeiblad. Vaak lichtrose. Wij zeiden gewoon: vloei
– Vlekkenwater. Eerst werd de vlek bedekt met een rode vloeistof uit een flesje met een pipetje, daarna ging er uit een ander flesje een doorzichtige vloeistof overheen en: weg vlek!
– Een inktpotje in de schoolbank met een schuifdekseltje. Dit werd elke maandagochtend bijgevuld uit
– De literfles: ‘Gimborn wortelnoteninkt’. Deze stond altijd bovenop de kast met de bruin gekafte leesboekjes
– Een vulpen met een rubber reservoirtje. Je trok een palletje omhoog, hield het pennetje in de inktpot en terwijl je voorzichtig losliet, zoog het reservoirtje zich vol
– Anilinepotloden, waar je aan moest likken (zorgde voor blauwe lippen en eens geschreven, bleef geschreven)
– Mercurochroom, rood ontsmettingsmiddel. Dit had je liever dan die prikkende, stinkende, bruine jodium
– Dat je op school een ‘krasje’ kreeg. Zo noemden wij de Mantouxtest, bedoeld om tbc op te sporen
– Dekenklem in het babybedje. Een band, die onder het matrasje door ging met aan weerszijden een klem om de dekentjes op hun plaats te houden
– Melkflessen, gesloten met een aluminium capsule; blauw: gewone melk, rood: karnemelk en groen: yoghurt. Later kwam er groen met een zilverkleurige streep bij: halfvolle yoghurt
– Schoolmelk in een flesje met capsule. Als je ‘de beurt’ had, mocht je daar met een potlood gaatjes in prikken voor het (papieren) rietje. ’s Winters stond de houten krat met de flesjes bij de kachel, zodat ‘de kou eraf was’ na het speelkwartier. De melk was daardoor vies lauw, er zaten vellen in; ondrinkbaar vonden wij allemaal
– Een laagje room op de melk, goed zichtbaar vanwege de glazen fles
– ‘Losse’ melk. Door de melkboer uit melkbussen getapt in de zelf meegebrachte melkkoker. Ik heb er nog een van mijn moeder, zonder het deksel-met-gaten

DSC07941

– Anijsmelk met een vel erop
– Een zeepklopper met een stukje sunlightzeep ( wij zeiden fonetisch: sunligt), voor de afwas in een emaillen teiltje

DSC07940

Ach ja, dat waren nog eens tijden…..

Lees ook: Wat je nooit meer ziet…. http://wp.me/p36K0e-2w

Advertenties