Dit is lef

20140621_212436Al zolang hij zich kon herinneren, was hij verlegen geweest. Schuw bijna. Stak iemand zijn hoofd in de kinderwagen dan zette hij het op een krijsen. Als peuter sloeg hij zijn ogen neer, wanneer mensen naar hem keken.

Spelen deed hij altijd alleen. Hij kon zichzelf goed vermaken, had veel fantasie. Hele verhalen verzon hij bij zijn spel.

Zijn basisschoolperiode bracht hij in betrekkelijke eenzaamheid door. Pogingen van leerkrachten om hem aan vriendjes te helpen haalden niet veel uit. Niet dat hij onvriendelijk was tegen anderen, maar hij ging zijn eigen gang. Zijn klasgenoten wisten hoe hij in elkaar stak; ze maakten er geen punt van. “O, dat is Noa”, zeiden ze tegen elkaar, “laat hem maar.”
Dat hij goed kon leren, was in zijn voordeel. Zijn intelligentie maakte dat hij zich kon handhaven in de groep.

Toen het moment was aangebroken dat hij naar de middelbare school zou gaan, nam hij een besluit. Tot nu toe had hij het weten te redden. Hij werd geaccepteerd zoals hij was. Nu zou de situatie heel anders worden. Hij zou opnieuw een plaats moeten veroveren. Hij zou ervoor gaan. Hij zou laten zien wie hij was.

Het gebeurde in een van de eerste weken van het schooljaar tijdens een les Nederlands. De opdracht was het schrijven van een verhaal. Op het whiteboard had de leraar vijf titels geschreven waaruit de leerlingen konden kiezen. Hij koos: Dit is lef.

Zodra hij de titel bovenaan het blad had geschreven, kreeg hij een lumineus idee. Hij schreef zijn naam helemaal onderaan. Hij voelde zijn wangen kleuren toen hij het verder lege blaadje inleverde. De leraar wierp een blik op het werk, trok even vragend zijn wenkbrauwen op.

Toen brak een bulderende lach door en met een zwierig gebaar zette hij een 9 boven het woordenloze verhaal.

——————————————————————————————————————-

Dit is een verhaal in de serie WE-300, een schrijfuitdaging van Plato (Hier kun je meer leuke, spannende, bijzondere WE-verhalen vinden). Het werkt als volgt: Schrijf een tekst van 300 woorden, waarin het sleutelwoord niet mag voorkomen. In dit geval was het verboden woord: scoren.

Lichaamstaal

(Overpeinzingen bij een krantenfoto 2)

img001

De grote wereldleider
En zijn secondant
Hun lichaamstaal spreekt boekdelen

Eén hand aan de telefoon
Een ferme greep
De voet met
De glanzend gepoetste schoen
Op de rand van het
Eveneens
Spiegelend gepoetste bureau
Ik spring erbovenop
Het beeld van het paard
Daarachter
Benadrukt dat nog eens te meer
En dan de hand
De rechter
In stelling
En helemaal gereed

De ander luistert
Hand voor de mond
De peinzende blik
Op oneindig
Ik zie ik zie

De vlam van de overwinning
Al ingelijst aan de muur

(Lees ook: Overpeinzingen bij een krantenfoto: http://wp.me/p36K0e-2L)

Stille strijd

DSC07122

Zie deze helmen
Ooit geplaatst op de hoofden
Van Griek en Pers
Bedenk de woeste blik eronder
De fonkelende ogen
De opeengeklemde kaken
Hoor het geschreeuw van strijders
Het gekletter van wapens
Het geluid van rennende voeten
Het gekerm van stervenden

Deze helmen getuigen van moed
Van niet opgeven
Van verbeten strijd
Van overwinning
En dood

Uitgestald in deze stille ruimte
Spreken ze
Met luide stem
Tot de verbeelding

De strijd is nog altijd
Niet beslecht