Oer(d)gevoel

dsc04576

Het zand in mijn schoenen
De schelpen in de vensterbank
De eikels in de schaal
De koffer in de gang
De kilometers in mijn benen
Het gloeien van mijn gezicht
De kleuren op mijn netvlies
De geluiden in mijn hoofd
De warmte van vriendschap
In mijn hart
En de herinneringen in de maak

Een goed verstaander weet
Dat een paar dagen Ameland
Voldoende zijn
Voor dit geluksgevoel

Advertenties

Pinksteren aan zee

img098

Pinksterzondag op het strand
Het belooft een mooie dag te worden
Voor de meute uit drinken we koffie
Een aardige jongen droogt de stoelen
Met een grijs-geruite theedoek
Hij heeft een drukke dag voor de boeg

Een truck rijdt het strand op
En laadt biertonnen uit
Het wordt een pianofeestje straks
Als de zon hoog staat
Het strand vol is
En de mensen dorstig zijn

Maar nu is het goed zoals het is
Zand en water
Een enkele wandelaar langs de vloedlijn
Een jongen met zijn hond
Een zeil in de verte
Een vrachtschip

Als de zon tussen de wolken door komt
Vangt de oneindige watermassa
Sprankjes licht

Geen tongen van vuur
Maar toch een kleine verwijzing
Naar de geest
Die ons allen bezielt

We doen er het zwijgen toe
Voor even

——————————————————————————————————————-

De illustratie is een druksel van Hendrik Nicolaas Werkman: De tocht naar Jeruzalem (1941)

Gek genoeg

Vriendin MD en ik spraken een aantal jaren geleden af, dat we op een keer woest en onstuimig zouden gaan leven. Ooit. Hoe dat leven eruit zou gaan zien, ja daar hadden we geen idee van. Zelfs wisten we niet precies wat we ons moesten voorstellen bij woest en onstuimig. Helemaal niet erg natuurlijk, want als de tijd daar was zou dit vanzelf aan ons geopenbaard worden.

Om de een of andere reden kwam het maar niet uit de verf. Regelmatig herinnerden wij elkaar aan de afspraak. Op menig verjaars- of nieuwjaarskaartje werd de belofte ten overvloede genoteerd: “Van harte! In het kader van woest en onstuimig leven nodig ik je uit voor een film in het filmhuis.” Of: “Ik wens je een rustige kerst en een woest en onstuimig nieuw jaar.”

Woest en onstuimig leven; wie wil dat nou niet?

Het komt er uiteindelijk op neer dat wij dat, diep in ons hart, inderdaad niet willen. Of niet durven. Of dat we niet weten hoe het moet. Waarom leven wij het leven dat we al jaren doen? Gewoon, zonder al te veel gekke dingen? Wat weerhoudt ons ervan om de afspraak na te komen? Uitvluchten waren er tot nu toe genoeg. Zorg voor kinderen, ouders, drukke baan, maar die gelden niet of nauwelijks meer.

Nee, woest en onstuimig; het zal er niet van komen. En daar moeten we ons dan maar bij neerleggen. Als gevleugelde uitspraak zal hij het goed blijven doen, het staat leuk als kreet op een kaartje, maar meer moeten we ons er niet bij voorstellen.

Wel hebben we van tijd tot tijd bijzonder leuke uitjes. Een gewoon uitje wordt om een of andere reden doorgaans heel speciaal. Hoe dat komt is niet helemaal duidelijk, maar het is een feit. Een bezoek aan het Drents Museum, De Sovjet Mythe, wordt, ondanks de sneeuw, de kou en de vertraging op het spoor, een geweldige dag. We genieten van de kunst, de lunch in het uit Den Haag overgeplaatste café Krul en van een onverwachte ontmoeting op het station. Een strandwandeling, op een bewolkte middag, die zodra wij het strand op lopen, stralend zonnig wordt, is een cadeautje. We vinden krabbenschildjes en door het heiige weer zijn de windmolens niet zichtbaar. De film, waarvan we niet zeker wisten of hij de moeite waard was, bleek een schot in de roos. Het diner vooraf, in het Filmhuisrestaurant, ook. En de lijst kan nog worden aangevuld.

Het is maar één keer de mist ingegaan. Wij kregen van een kennis twee kaartjes voor een cabaretvoorstelling in het theater, waar zij zelf niet naartoe kon. Toen de pauze begon hadden wij nog niet één keer gelachen en bijna voortdurend met kromme tenen gezeten. We zijn weggegaan en hebben een goed glas wijn gedronken in een gezellig café. Dus uiteindelijk kwam ook dat uitje weer goed.

Ons laatste uitje was ontbijten op het strand. Om het begin van de vakantie te vieren. Het was prachtig weer. De broodjes waren vers, de koffie was goed. Dat er speculaasjes bij werden geserveerd namen we op de koop toe. Dat we uitzicht hadden op het windmolenpark ook.
Het enige onstuimige was de wind, die alle parasols uit de grond blies. En woest was alleen de persoon die daardoor werd geraakt.

Woest en onstuimig? Ach welnee. Wij doen maar gewoon, dat is al gek genoeg.

DSC07975

Niet doen!

Het moet zijn opgevallen. Wanneer de temperatuur in dit landje een paar graden boven het vriespunt stijgt, vinden sommige Nederlanders het nodig zich direct deels te ontkleden en in die staat de straat op te gaan. Deze week was het dus weer raak. Mannen in korte broek met vrolijke print, een T-shirt met schreeuwende tekst en op badslippers. Natuurlijk hoort zo’n broek ergens halverwege het achterwerk te hangen, zodat ook een gedeelte van het ondergoed zichtbaar is. En liefst gaat het shirt ook nog uit. Vrouwen hijsen zich in driekwart leggings, liefst wit, topjes met spaghettibandjes, teenslippers. En wringen zich in mini-minirokjes.
Tatoeages en piercings komen op deze manier prima tot hun recht, maar ook alle bollingen en rondingen. Op het strand kan zo’n outfit prima, dan zul je mij ook niet horen. In de stad vind ik het geen gezicht. Je zou ze wel willen toeschreeuwen: kijk eens in een etalageruit! Doe alsjeblieft eens iets aan je kleding, of liever: doe eens kleding aan!
Nee, in de zomermaanden gaat het straatbeeld er niet op vooruit.
Het schijnt echt Nederlands te zijn: going Dutch.

83319-25_1