Er was eens…. Selma Salo

img080

Toen ik drie jaar geleden begon te bloggen, leek het me leuk en nuttig om mijn licht op te steken bij oude rotten in het vak. En zo kwam ik onder andere terecht op het blog van Selma: ‘Er Was Eens’. Een interessant blog, onderhoudend en kritisch.

Ik kon het niet direct plaatsen, maar haar naam kwam me ergens bekend voor. En ja hoor, al surfend kwam ik terecht op een blogje, waarin ze refereert aan een artikel dat ik wel kende. Het had ooit (1999) in Trouw gestaan en was geschreven door Selma Schepel, columniste van die krant. (Ik vond haar toen al heel goed en kritisch schrijven.) Zij schrijft daarin over een vriendin, die haar schoolklas laat meegenieten en leren (!) van de reizen die een speelgoedbeer maakt, samen met mensen die er niet voor terugdeinzen de beer mee te nemen en deze allerlei avonturen te laten beleven. Een beetje in de trant van Niels Holgersson.

Dat idee nam ik direct over. Nog diezelfde middag kocht ik een speelgoedbeer, introduceerde die in groep 8 en startte het project De Reisbeer. Kinderen enthousiast, de beer ging met hen op vakantie en beleefde avonturen die in een dagboekje werden genoteerd door het kind dat als begeleider optrad. Foto’s en een souvenirtje nam hij mee in een rugzakje. En altijd stuurde Georgeo een kaartje naar de klas. Leerzaam en leuk. Dank zij het blog kon ik Selma eindelijk eens bedanken voor dit geweldige idee. (Na mijn pensioen heb ik beer en toebehoren overgedragen aan een eveneens reislustige oud-leerlinge, die nu zelf voor de klas staat.)

Ik bleef Selma volgen en genoot van haar kritische stukken, haar reis-, fiets- en fotoverslagen. Een ondernemende vrouw met een duidelijke, ongezouten mening. Belezen en intelligent. Begaan met de natuur, met het leven, met mensen. Zo zeer zelfs, dat ze het bloggen eraan gaf. Helaas, voor haar volgers, maar zij koos voor echt contact, van mens tot mens.

Vanochtend las ik in Trouw, “haar” krant, een klein berichtje in de rubriek Personalia. ‘Selma Schepel’ is de titel. Nietsvermoedend begon ik te lezen. Zou ze een prijs krijgen voor het één of ander?
Niets van dat alles: dit weekend overleed Selma, na een noodlottige val met de fiets. In het harnas, zou je kunnen zeggen, maar ik vind het wrang. Ze was pas 66 jaar. Ze had de wereld nog zoveel kunnen bieden.

Dank je Selma Salo, voor je ongewilde, ongeweten stimulans.

Advertenties

Werdegang

img049

Vader
Ik wilde overleven
Ondanks domper en protest
Strijden ook

Het is al zo ver gekomen dat
Opvallend vaak
De prijs van
Het verlichte denken
Wordt onderschat

Wind en jachtige wolken
In de schaduw
Ingrijpen als toeschouwer
Zonder afstand

Nederlaag voor
Helden
Jong en bloedmooi

——————————————————————————————————————-

Men neme:
1 krant
1 schaar
1 flesje lijm
1 velletje gekleurd papier

Dan een beetje knippen, schuiven en plakken. Et voilà!

Leo Vroman

img079

Vanochtend las ik in de krant een gedicht van Leo Vroman. Met een beschrijving. De bedoeling is goed, het is mooi van de redactie dat er aandacht wordt geschonken aan poëzie, maar ik houd daar niet zo van, gedichten uitpluizen. Laat het gedicht voor zichzelf spreken, niemand weet hoe de dichter zich voelde op het moment dat hij het schreef. Wat hij dacht. Wat hij wilde dat wij erin zouden lezen. Het gedicht heeft aan zichzelf genoeg.

Degene die in Trouw op zaterdag de rubriek ‘Poëzie’ voor haar rekening neemt, vind ik regelmatig de plank misslaan, al haar goede bedoelingen ten spijt. “Probeer in elk geval niet interessanter te willen zijn dan de dichter die je bespreekt!”, zou ik haar af en toe wel willen toeroepen. “Voeg er niet zoveel aan toe!” “Wat de dichter schrijft, is precies genoeg!”

Vandaag dus een gedicht van Leo Vroman, met de titel (hoe wonderbaarlijk): Precies genoeg. Toen ik het las, dacht ik: “Het zal toch niet….? Hij is toch niet dood?”

In het journaal van zes uur hoorde ik tot mijn stomme verbazing dat hij vandaag op 98-jarige leeftijd is overleden.

PRECIES GENOEG

Op een dag zeg ik ‘Genoeg.’
Maar één ding wil ik nooit:
door een ramp tien minuten te vroeg
tot pap te worden voltooid,

Zoals een jonge soldaat
door een bom, een handgranaat,
met een restant zeg maar
van eenenzeventig jaar.

Alle bloemen moeten ontplooid.
Alle eieren moeten gelegd,
want één ding wil ik nooit –
maar dat heb ik al gezegd.

img082

Ik haal de boekjes die ik ooit van mijn opa kreeg tevoorschijn; hij wist wel wat hij cadeau moest geven: ‘Tineke’ (proza) en ‘God en Godin’ (poëzie).

Een citaat uit het laatstgenoemde bundeltje:
“Hartstochtelijk is de dood
en dodelijk het leven.”

Postuum komt er nog een bundel uit:
Die Vleugels.

De titel spreekt voor zich………

Een goed rapport?

Gisteren op de voorpagina van Trouw een artikel met de opmerkelijke kop: Zorgleerlingen deren klas niet. Met als onderkop: ‘Gewone’ scholieren scoren net zo goed als anders, ongeacht aantal klasgenoten met problemen. De NWO (Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek) presenteert deze week het onderzoeksrapport: Prestaties en loopbanen van zorgleerlingen.
Uit deze titel blijkt al waar het om gaat: de zorgleerling. Wie kan nu nog hard maken dat er onderzoek is gedaan naar de andere 75 % uit de groep, namelijk de ‘gewone’ scholier? Ja, er is gebruik gemaakt van databestanden, waarin de ontwikkeling van de scholieren is vastgelegd; bij onderwijsmensen beter bekend als het Leerling Volg Systeem (LVS). Maar is er verder ook nog naar kinderen gekeken?
De studie is bedoeld als nulmeting, zodat de komende jaren gevolgd kan worden wat het effect is van de invoering van de wet op het Passend Onderwijs. Dit houdt in dat leerlingen met een ‘rugzakje’, op de gewone basisschool blijven en niet naar zo’n dure school voor speciaal onderwijs worden doorverwezen. Dat kan betekenen dat er dan in een groep sprake is van een fifty-fifty verhouding aan zorg- en gewone leerlingen. Alles in het kader van de onvolprezen bezuinigingen op het onderwijs.
Waarschijnlijk is dit onderzoek gedaan door mensen die sinds hun eigen basisschoolperiode geen voet meer in een school hebben gezet. Men heeft kennelijk ook niet met leerkrachten gesproken, maar zich alleen met de droge cijfertjes bezig gehouden, getuige de opmerking: “Het lijkt erop dat leerkrachten in staat zijn beide groepen kinderen in één klas goed te begeleiden.”
Iedereen die werkzaam is in het onderwijs weet dat de leerlingpopulatie drastisch veranderd is de afgelopen tien, vijftien jaar. Naast de ‘gewone’ leerling (maar wat is gewoon?) zijn er veel meer kinderen met een ‘krasje’. Leerkrachten zijn inderdaad over het algemeen in staat een groep kinderen op de juiste manier te begeleiden. Maar hoeveel energie en vindingrijkheid dat kost, daar kan een buitenstaander zich nauwelijks een voorstelling van maken.
Ook de ‘gewone’ leerling moet vaak alle zeilen bijzetten om goed te blijven presteren; de zorgleerling brengt vaak – onbedoeld en ongewild -onrust in de groep.

Het is heel fijn dat er weer een (duur) rapport klaarligt, zodat de regering haar snode plannen kan doordrukken. Toch had het allemaal simpeler gekund: gewoon luisteren naar de leerkrachten. Zij beschikken over de kracht (!) om kinderen goed te begeleiden. Maar net zo goed als voor de kinderen een optimale leeromgeving moet worden geschapen, zal er voor de leerkracht de mogelijkheid moeten worden gecreëerd om zich optimaal in te kunnen zetten ter meerdere eer en glorie van goed onderwijs. De speciale school was zo gek nog niet.

DSC07839