Luxeprobleem?

tataren

Ik zet de tv aan en kom onbedoeld midden in het programma ‘Uitgebloe(i)d’ terecht. De overgang. Daar gaat het over. Programmamaakster Ingeborg Beugel heeft het er erg moeilijk mee. De lichamelijke en geestelijke veranderingen spelen haar parten. Haar ervaringen deelt ze, in een documentaire, met al de vrouwen die onvoorbereid en slecht geïnformeerd de overgang ingaan.

Onvoorbereid? Slecht geïnformeerd? Als vrouw weet je toch wat je op een zekere leeftijd boven het hoofd hangt? Er wordt al decennialang over geschreven. Het boek ‘Overgang’ van Germaine Greer (wat regelmatig in beeld komt) is jaren geleden uitgekomen.

Over het geheel genomen vind ik het een programma met een hoog stampvoetgehalte: vriend begrijpt het niet, de kinderen willen haar nog maar steeds geen kleinkinderen geven, nieuwe vriend wil niets horen over de klachten. Linda wil het onderwerp niet opnemen in haar blad. (Koop dan een Margriet of een Libelle, zou ik zeggen)

Op naar een cursus over de overgang. Allemaal jankende vrouwen onder een rood Ikea-dekentje. Een geleide meditatie om jezelf als meisje terug te zien en daarna allemaal aan het schilderen. Hoera! De zakdoeken zijn niet aan te slepen. Nee, vindt Ingeborg, deze vrouwen zijn niet bezig met de overgang, zij hebben allerlei andere problemen.

Een tweetal gynaecologen doet nog, niet onverdienstelijk, een positieve duit in het zakje, evenals een echtscheidingsadvocate.
Toch blijkt, al met al, dat er doorgaans weinig begrip en interesse is voor de vrouw in de overgang. De overbodige vrouw, want ‘vroeger’ zouden vrouwen deze leeftijdsfase niet eens bereikt hebben. In het dierenrijk gaan vrouwtjes dood, wanneer er geen eitjes meer worden geproduceerd.

Op de middelbare school wordt er ook al nauwelijks of geen aandacht aan het fenomeen geschonken. Ja, in het biologieboek wordt het woord genoemd, overgang, groen gedrukt, maar dat is dan ook alles. De biologieleraar geeft met enige tegenzin toe, dat het misschien wat uitgebreider ter sprake zou kunnen komen. Beugel spreekt er een aantal jongeren over aan. Echt geïnteresseerd kan ik ze niet vinden, deze pubers, en geef ze eens ongelijk; hun leven staat op het punt te beginnen, en moeten deze jongens(!) zich nu echt gaan verdiepen in een probleem, waar ze straks misschien alleen maar zijdelings mee te maken krijgen? Wat ze nooit aan den lijve zullen ondervinden?

Gelukkig krijgt de programmamaakster via vriend nummer één een kleinkind wat ze kan knuffelen, zodat het gelukshormoon (oxytocine) geactiveerd wordt en koopt vriend nummer twee een dure bolide en maakt hij mooie foto’s van haar. Gelukkig vindt vriend één het niet zo heel erg dat vriend twee in haar leven is gekomen, want zij is een ‘full-time-job’. Vriend twee heeft het liever niet over nummer één en schenkt haar nog een glas dure wijn in.

Laten we hopen dat dit voor een aantal vrouwen een interessant en verhelderend programma is geweest. Voor de maakster heeft het waarschijnlijk (hopelijk) als een soort van therapie gewerkt. Alle dingen op een rijtje gezet en erachter gekomen dat je niet gek bent. Ervaren dat het toch wel goed komt, dat het leven nog steeds aangenaam en zinvol kan zijn. Dat iemand je nog steeds leuk kan vinden, dat je nog niet uitgerangeerd bent. Dan ben ik blij voor haar.

Dat mannen het niet (willen) begrijpen is eigenlijk wel logisch. Er zijn nogal wat zaken in het leven, die je pas kunt invoelen wanneer je het zelf hebt meegemaakt. Daarom kun je al deze ervaringen op het gebied van de overgang beter met vrouwen delen: een fles goede wijn op tafel, chocola erbij, een kaaskoekje, desnoods zakdoeken en dan alle verhalen een beetje aandikken. ‘Lekker’ zeuren. Jezelf niet al te serieus nemen.
En wanneer er echt problemen zijn – dat komt zeker voor, ik ben de laatste om het te bagatelliseren – dan zijn er specialisten bij wie je terecht kunt voor deskundige hulp.

———————————————————

Dan begint Nieuwsuur. De situatie op De Krim is zorgelijk. Voor de kleine groep Tataren die daar woont is het leven sowieso bijzonder moeilijk. Veel van hen speelt het verleden nog parten. Een oudere vrouw komt aan het woord. Ze houdt het niet droog tijdens haar schrijnende verhaal. Zelfs het knuffelen met haar kleinkind zal niet voldoende oxytocine aanmaken om haar geluksgevoel te verhogen; gelukkig is ze al jaren niet meer.

Ook zij was eens in de overgang. Ze heeft geen cursus gedaan, geen boeken gelezen. En ze heeft er zeker geen vriend met een grote, dure auto op nagehouden. Waarschijnlijk heeft ze niet eens de tijd gehad om zich met het verschijnsel overgang bezig te houden, laat staan zich erin te verdiepen. Misschien is er niet eens een woord voor.

Overgangsklachten? Cultuurgebonden? Een Westers luxeprobleem?
Het zou het laatste wel eens kunnen zijn.

———————————————————-

De foto van de Tataren komt van het internet.

Op reis met Bram

De oude vriendin ligt in het ziekenhuis. Longontsteking. Natuurlijk ga ik haar bezoeken. Je hoeft niets mee te nemen hoor, op mijn vraag. Wel neem ik tulpen mee. Mooie, kreukelige roze, met een wit randje langs het blad.

Samen met Bram stap ik in de auto. Na de sneeuw van die ochtend, nu zon. Nat, spiegelend asfalt. Hoewel ik de route ken, naar Den Haag, ben ik toch blij met iemand die de weg weet. Geduldig legt hij me uit dat ik links moet aanhouden. Neem de afslag, zegt hij tot drie maal toe. Vind je het goed als ik even wacht tot we die vrachtwagen zijn gepasseerd? Het maakt hem niet uit. Wat zeg je nou? Keer om en sla linksaf? Nee, dat kan niet kloppen. Ik kijk stug voor me uit en neem de afslag naar rechts. Zie je wel. Hoor ik nu een vinnige stem: Houd links aan? Nee toch, we zouden er een gezellige middag van maken.
We passeren de haai, langs de A4. Vermomd als finishvlag. Er daalt een airbus. Jaren ‘80 muziek op de radio. Sade met Smooth Operator. Een genoeglijke middag.

ResizeImage

Den Haag Zuid. We zijn er bijna. Maar eerst nog een sightseeingtour door Den Haag, blijkbaar. Is het echt nodig via de Veenendaalkade te rijden? Ik volg gedwee de suggesties op. Aan het einde van de weg rechtsaf, op de rotonde rechtdoor: de tweede afslag. Bijna geef ik de moed op. Dan, wachtend voor het stoplicht (rechtsaf, jahaa, even wachten, het is rood!) zie ik een enorme bouwput, waarachter ik het ziekenhuis vermoed. En ja hoor, wanneer we de weg zijn overgestoken zie ik wat ik tegelijkertijd hoor. Een opgewekte stem roept: Bestemming bereikt. Dank je wel Bram.

Vriendin ziet er klein uit in het ziekenhuisbed. Blij met de tulpen – haal niet al het groen eraf hoor, dan zien ze er zo zielig uit – en de dichtbundel. Het medisch verslag houdt ze zo summier mogelijk; de kuil in het matras stoort haar nog het meest. Misschien vóór het weekend al naar huis. Ja, ik lees hier alleen maar niemendalletjes. En Van Gogh in de Beurs van Berlage, zou dat er nog van komen? Natuurlijk. Eerst helemaal opknappen en dan plannen maken. De bezoektijd wordt ruimschoots overschreden.

Bram brengt me in no time op de snelweg. Dus het kan wel. Ik zeg het maar niet hardop.
Denken doe ik des te meer. Hier zit ik in de auto met een postume stem. Vanuit het universum wijst Bram me de weg. Geen wonder dat hij zo geduldig is.

Koningin van de nacht

Jaren geleden kreeg ik van mijn goede vriendin Ina een stekje van een vetplant, een soort grote lidcactus. Hoe hij heet weet ik niet, zei ze, maar als je hem liefdevol verwaarloost, bloeit hij ’s zomers met prachtige, geurende bloemen. Maar.. alleen ’s nachts. En één bloem tegelijk.

Zo gebeurde. Nadat het stekje eerst liefdevol was verzorgd -het moest natuurlijk wel gaan wortelen- liet ik het min of meer aan zijn lot over. Het resultaat was een grote plant, die na drie jaar besloot te gaan bloeien. Als een koningin van de nacht. De minimale knopjes die in april verschenen, waren uitgegroeid tot enorme bloemen, die door het hele huis hun zoete geur verspreidden.

Op mijn beurt gaf ik weer stekjes door. Mijn moeder, met haar groene vingers, wist er een enorme plant van te kweken, die op het hoogtepunt wel twintig knoppen voortbracht en soms zelfs met meerdere bloemen tegelijk bloeide. Zij wist me te vertellen dat het hier ging om een tropische plant met de naam… “koningin van de nacht”.
Toch legde deze plant na verloop van vele jaren het loodje. Ook die van mij.

Dat op verschillende plaatsen de oerplant van Ina doorleeft, bleek twee jaar geleden. Vriendin M zou voor een aantal jaren naar Afrika vertrekken. Of ik voor haar “koningin” wilde zorgen.

Vorige zomer bloeide de plant met negen bloemen. Ik heb weer een stekje.

DSC06424